SURINAME

Zanderij
Vrijdag 3 februari
Zanderij, vier uur in de middag, 29 graden bij het uitstappen, heerlijk. Geen slurf of bus, gewoon lekker lopen naar de ontvangsthal.
De groep van koning Aap krijgt een VIP behandeling. We kunnen snel door de controle, onze bagage wordt opgevangen en we mogen in de lounge een hapje en drankje pakken.
Marcel coördineert en Brigitte wordt onze reisbegeleidster. In deze ongedwongen sfeer moet alles wel goed komen.
In een kleine bus rijden we naar Paramaribo.
Veel groen, palmen, hutten, grotere huizen, supermarkten, geuren… tropengevoel.
Even wennen aan het verkeer dat links rijdt.
Het is al donker als we in Paramaribo arriveren.
De oude herenhuizen, beschermd erfgoed, zien er vervallen uit.
We stoppen om geld te wisselen en te pinnen.
De kamer in het hotel is prima, wel warm.
We zetten de airco niet te lang aan want we vinden allebei dat het een rotding is waarvan je eigenlijk alleen maar verkouden wordt.
Een douche, een kleine wandeling, wat lezen en vroeg naar bed.
Er zijn geen muggen.

binnenplaats hotel
4/2 Paramaribo
Na een goede nachtrust en ruim ontbijt met knalrode worst, komt Brigitte de plannen met ons bespreken. Ze confronteert ons meteen met de Surinaamse losheid, hartelijkheid en… het feit dat alles anders zal gaan dan gepland: er zijn bestemmingen omgewisseld en we hebben wel of niet een binnenlandse vlucht. Dat is nog niet duidelijk.
Brigitte stelt ons voor aan Gracita, onze kok, die vrijwel de hele rondreis met ons zal meegaan.
Wanneer we weer in Nederland zijn zullen we haar missen.
Daarna gaat Brigitte ons op een ongedwongen wijze voor op de rondwandeling door de binnenstad.

knalrode worst

sterappels

We lopen langs alle bekende punten zoals het onafhankelijkheidsplein, Fort Zeelandia, Waterkant, centrale markt (heerlijk gemberbier, lekkere "sterappels" (iets tussen pruim, mango en lychee). We bezoeken een souvenirwinkel, annex textielhuis, lopen langs een moskee en een synagoge die naast elkaar staan (visitekaartje) en de houten kathedraal.
Op een Hindoetempel na hebben we nu de gebedshuizen van de grote godsdiensten gehad. In de Surinamerivier zien we vissen met ogen boven op hun kop en een witbuikreiger.
Een man heeft een kwikwi (volgens hem) gevangen en knipt nu de vinnen door zodat hij wel in leven blijft, maar niet meer kan spartelen.

Later op de middag komen Edward en Cindy (familie van Ingrid in Nederland) op bezoek.
Het is gezellig en wanneer Pim de la Parra ter sprake komt, weet Edward als goed Surinamer wel hoe we hem kunnen opsporen, immers de familie.. van de buurvrouw die… Suriname is een groot dorp, iedereen kent iedereen.
We rijden naar "Ons Erf", een soort Cultureel Centrum waar Pim een lezing zal houden. Hij is daar nog niet en we gaan naar zijn huis. Het is ook in Suriname niet gebruikelijk om zomaar ergens binnen te vallen, maar we schudden handen en later volgt een afspraak. Vervolgens naar de plek waar Edward en Cindy hun nieuwe huisje gaan bouwen; een savanne-achtige vlakte, straks een nieuwbouwwijk.
kwikwi (?)
's Avonds gaan eten bij een warung op Blauwgrond. Het is een eenvoudig maar goed restaurant in de Javaanse wijk. Wij trakteren, maar dat is nauwelijks zo te noemen bij een totaal rekening van 17 Euro.
We rijden nog even door de stad en Edward koopt De West voor ons (vanwege de column Kee
rpunt).

reiger

Anaplebs of koetai,vis kan prooien boven en onder water zien

busjes
5/2 Paramaribo - Isa Dou
Om half zeven op.
We hebben gisteren al gepakt voor de eerste reis naar het binnenland. De rest van de bagage wordt opgeslagen in het hotel. We gaan weer met zijn allen in het busje. De bagage gaat, samen met de voedselvoorraad en de kokkin in het andere busje. Het is een lange rit van zeven uur. Eerst ruim een uur verharde weg, daarna, na het grote aluminiumbedrijf Suralco, de Afobakaweg. Dit is een bauxietweg (naar de rode kleur van bauxiet), ook wel laterietweg genoemd. De weg is slecht door de regens. Heel veel hobbels en kuilen.
Later in het seizoen zal de weg weer glad geschaafd worden.
We rijden door prachtig natuurschoon. De jungle, met grote bomen, allerlei struiken, bloemen, (roof)vogels, vlinders, libellen en een overstekend surinaams konijn (konkoni). Het rode zand stuift door de raampjes naar binnen, Manuel wordt rood als een kreeft.
We hebben verschillende plasstops langs de kant van de weg en een en wat langere bij een winkeltje/ restaurant/benzinepomp. Gracita schuift ons een lekker hapje en wat te drinken toe. Op deze plek blijken we nog vaker terug te komen.
bauxietweg en Suralco

gele bloem voor transmigratiedorp

Het is vlakbij een kunstmatig dorpje (Berg en Dal of Klaaskreek?) waar Marrons (van oorsprong gevluchte negerslaven) gedropt zijn. Ze moesten hun oude dorpen verlaten omdat die onder water kwamen te staan door het Brokopondoplan.
Het nieuwe dorpje (transmigratie) is wel een heel slecht soort Vinexlokatie.
Bij Atjoni aan de Boven Surinamerivier liggen de boten. We maken een ketting om de bagage in de boten te krijgen.
De rivier is prachtig, aan beide zijden oerwoud, hier en daar dorpen van Marrons.
Manuel ontdekt dat zijn nieuwe verrekijker geweldig voldoet.

Ons einddoel, het vakantie-eilandje Isa Dou, is een paradijsje. Allemaal kleine houten hutjes met alleen bedden, klamboe en buiten wat stoeltjes. Lekker badderen in de rivier, wat wandelen, rusten, lezen.
Er is een grote eetzaal-keuken-hut waar Gracita de scepter zwaait.
Vlak voor het eten begint het te stortregenen. Mooi om te zien hoe de daken van bladeren het water tegenhouden. Tijdens het eten -heerlijk vis- houdt de bui weer op. We krijgen olielampjes voor de nacht, dat is heel prettig nu onze zaklantaarn dienst weigert. Marineke trilt van vermoeidheid en we gaan dan ook behoorlijk vroeg naar bed.

Gracita's domein

ontkiemende vruchtentrossen maripapalm
6/2 Laduani en andere dorpjes
Om half zeven is het licht. Bij het scheren wordt Manuel aangenaam verrast door een kikkertje dat uit de wasbak springt.
We lopen wat rond en praten nog even met Paulus de assistent-beheerder. Hij is enthousiast over zijn werk en geeft ons voorlichting over allerlei bloemen en bomen die op het terrein geplant zijn. Hij toont ook de vogelspin die zich gevestigd heeft op de stam van een palm. Die zit nu in zijn holletje, maar zal vanavond te voorschijn komen. Na het ontbijt varen we naar dorpen in de buurt. We worden voorgesteld aan de kapitein van het eerste dorp en zien hoe de Marrons wonen.
Daarna lopen we via een prachtig pad door de jungle door naar het volgende dorp.
Er is veel te fotograferen: bloemen, planten, geheimzinnig licht in waterplassen.
Een aantal groepsleden heeft onderling veel uit te wisselen waardoor de bosgeluiden niet te horen zijn en vogels en andere dieren voortijdig wegvluchten.
In het volgende dorp wil een vrouw geld zien wanneer Marineke de cassavestamper wil fotograferen. Als de vrouw 5 SRD krijgt, gaat ze er bij staan en poseert samen met haar kind. In dit dorp wordt voor elke foto geld gevraagd. Eigenlijk wel terecht want ons bezoek heeft toch iets van aapjes kijken. We lopen verder en krijgen te maken met een fikse bui. We schuilen onder een afdak waar prachtig beeldhouwwerk staat.

hutje in dorp

schuilplaats met beeldhouwwerk
Vrije vormen, maar ook stoelen en krukjes van boomstammen. Een ervan is gebeeldhouwd in de vorm van een vrouw.
Natuurlijk lopen we ook nog even langs het kleine vliegveldje en het gezondheidscentrum.
Daarna varen we weer terug naar Isa Dou. Knap hoe de bootsmannen de boten tussen de rotsen door manoeuvreren. Even denken ze kaaimannen te zien. Wanneer ze terug varen blijkt dat niet het geval. Gracita verwent ons met fruit en lekkere soep. Daarna hebben we "vrij".We gaan zwemmen en daarna wat lezen.Aan het eind van de middag gaan we (stiltegenieters) met z'n vieren onder leiding van Paulus een "langzame" boottocht maken. Prachtig!
Alles kunnen we nu rustig bekijken en fotograferen. Paulus laat ons veel zien: verschillende soorten palmen, bloemen, bijen- en mierennesten. Ook de kreek waarin niemand mag varen (dat hebben de voorouders gezegd; je wordt doof) en de rots met kogelgaten die een herinnering is aan de jacht op de negerslaven. Verder vertelt Paulus van een vreselijke blikseminslag die zich over het water verplaatste en vele bomen velde.
We stoppen even om apen te bekijken en ik fotografeer prachtige rode bloemen hoog in de bomen. We ontdekken een wonderlijk weefsel van rupsen (net zoiets als onze processierups).

rots met kogelgaten

percussie
Na afloop bedanken we Paulus en zijn maatje uitvoerig.
De gehaktballen bij het avondeten dat Gracita maakt, smaken anders dan thuis, maar even lekker.
Daarna komen de mannen uit het dorp ons op een paar uur slagwerkmuziek trakteren. Ze spelen op heel simpel in elkaar geflanste trommels; als het vel maar deugt. Wat een ritme; al snel wordt er gedanst. Eerst binnen, maar als het droog is, buiten bij het kampvuur dat Paulus heeft gemaakt. Bij het scheiden van de markt, komt zelfs Manuel los en laat zien dat hij met het Afrikaanse ritme ook wel raad weet.
Paulus toont ons nog even de vogelspin.

Paulus
7/2 naar Tonka eiland.
Weer een vroege ronde over het eiland gemaakt en Paulus' huis in aanbouw bekeken. De vogelspin zit weer verscholen in zijn hol.
Na het ontbijt varen we terug naar Atjoni. De bus staat gewassen en wel voor ons klaar. Achterin de bus is het weer hobbelen. Je nieren komen zo ongeveer op de plaats van je hersens terecht. Voorin is dat beter, maar dan moet je de hele tijd met opgetrokken benen zitten. We stoppen weer bij de Chinese winkel in Berg en Dal (of is het Klaaskreek?).Het jonge slingeraapje zit nog steeds eenzaam in zijn kooitje. Zielig.

vogelspin
De papegaaien in de kooi naast hem, hebben het ook niet naar hun zin. Manuel koopt grappige knalrode vruchtjes die olijven worden genoemd. Ze smaken naar een combinatie van pruim, abrikoos, gember en dan ook nog eens gezoet. Daarvandaan is het maar even naar de aanlegplaats voor de boten naar het Tonka-eiland. We varen eerst langs duizenden waterranonkels; een gele overvloed. Daarna gaan we over het Brokopondomeer, bizar! Duizenden, miljoenen stammen steken boven het water uit. Een soort jungle-Atlantis. Kun je nagaan hoe sterk hardhout is: het meer bestaat al 40 jaar.
We horen dat er belangstelling is om dit hout te gaan exploiteren. Het vervreemdende karakter van dit meer zou dan verloren gaan.

gele waterranonkels

vervreemdend

Onderweg krijgt de boot met de bagage en een paar groepsleden motorpech.
Na overleg vaart onze boot door naar het eiland. Het is een lange tocht tussen de bomen door.
Op het eiland staat een groot houten huis met allemaal kamertjes. Dunne gevlochten scheidingswandjes en louvredeuren. Het tocht flink door. Je hebt alleen visueel privacy. Marineke heeft de bikini in haar rugzak en kan dus meteen het water in. Wat is dat heerlijk warm. Wanneer de anderen hun zwemkleding uit de vertraagde boot kunnen halen is zij alweer op weg met haar fototoestel.

Ze maakt foto's die ze in Nederland voor haar werk kan gebruiken.
Eten, drinken, zwemmen, wat een leven.
Douchen en naar de WC gaan moet net als op Isa Dou weer in een apart gebouwtje. Maar wat geeft het, de temperatuur is heerlijk en even de benen strekken is gezond.
Het afwassen buiten (het is gelukkig al bijna donker waardoor we alleen maar kunnen vermoeden dat het niet echt schoon wordt) is een belevenis. Voorwassen met veel sop in koud water in een enorme teil, naspoelen met water direct uit de bron opgepompt. Kleddernatte theedoeken die niet drogen. Allemaal niet erg.


logeergebouw

stortbui
8/2 Tonka-eiland. Marineke heeft het heel erg koud gehad vannacht (tocht), terwijl een ander groepslid juist alles van zich afgooide van de warmte. Het kan verkeren.
Al vroeg op, wat wandelen en na het ontbijt in de boot. Tussen de dode stammen varen we rond het eiland. In feite is ons Tonkaeiland de top van een hoge berg. Rare gedachte. We krijgen weer een lekkere stortbui, niks kleine droge tijd.Wanneer we na veel moeite aan land stappen, blijkt het niet de goede plek. De bootsman/gids, zoon van de echte gids die naar de stad moest vandaag, heeft eerder kennelijk niet goed opgelet. We varen verder om het nog eens te proberen, weer terug en dan wordt Brigitte kwaad. Zit hij de boel te flessen?

waar aan land?
Stimulerend is dat we ondertussen brulapen horen. Uiteindelijk komen we toch op de plek waar het pad begint. Het leidt terug naar het kamp, dwars door het oerwoud. De bootsman/gids loopt heel snel voorop, slaat wat op een boom en roept af en toe wat. De groep is te groot voor een dergelijke wandeltocht. In het midden en achteraan versta je niets. De mensen midden in de groep beginnen te kletsen over laminaat en parketvloeren thuis, over GSM en computers. Marineke krijgt behoorlijk de pest in. Ze wil wat weten/leren over het oerwoud, rondkijken, ruiken, horen en genieten. Nu moet ze rennen en hoort de bosgeluiden niet door het gepraat van de anderen.
oerwoudlicht

vlinder op bezoek
Terug bij het kamp is er fruit en limonade. De rest van de dag is het zwemmen en genieten van het prachtige licht over het meer. Jos probeert nog onze zaklantaarns te maken (ook die we leenden van "kleine" Jan doet het niet meer). Vanavond eten we zuurkool met rijst, sla en sambal met gebakken uitjes. Een prachtige vlinder komt op het lamplicht af.
Marineke heeft last van haar keel en Manuel maakt een 'grocje' voor haar. Het helpt, ze slaapt deze nacht beter.

pepers
9/2 naar Brownsberg.
Marineke maakt nog een fotorondje en na het ontbijt gaan we weer met de boot en bus terug naar onze vaste (plas)stopplaats het Chinese winkeltje. Manuel koopt een nieuwe zaklantaarn en Marineke wat uitdeelsnoepjes. We nemen de afslag naar de Bronsberg. Onze nieuwe chauffeur (van de Brownsberg) brengt ons in een uiterst moeizame klim over zeer slechte blubberwegen, naar boven.

inslaan voor onderweg

rookpluim
Het bagagebusje voor ons blijft steken en we zien massa's zwarte rookwolken uit de uitlaatpijp komen. Het busje moet afzakken en opnieuw beginnen. De chauffeurs leveren ware huzarenstukjes en krijgen terecht een applausje.
Het bos, aan weerszijde van de weg omhoog, is wonderschoon. Manuel ziet weer van alles vliegen en bewegen. Vanaf de Brownsberg heb je een prachtig uitzicht over het meer. De boomstammen lijken hier vandaan rietstengels.
We krijgen een vierpersoonskamer kamer met twee stapelbedden.Voor de lunch wandelen we met Brigitte naar de Mazaronitop, een uitzichtpunt met een prachtig panorama. We lopen zo'n 100 meter voor de groep uit. Als je die hoort naderen is het een lawaai van jewelste. Er moet en zal gepraat worden. Geen beest te ontdekken dus. Wanneer Marineke later even met de beheerder meeloopt om hem te laten zien waar we een lekkage in de waterleiding ontdekten, wijst hij op een slingeraap. Als je stil bent, heb je dus een kans.
Na de lunch met lekkere pindasoep, lopen we met Brigitte naar de Leo-waterval. Manuel gaat op een glibberig stuk onderuit. Gelukkig niets aan de hand, wel vies. Het bad in de waterval maakt veel goed. Wanneer we terug zijn, vragen we de beheerder of hij ons morgen, als de anderen naar de Irene-vallen gaan, wil begeleiden op een wandeling bedoeld voor mensen die hun mond kunnen houden.
boom met zwammetjes

kamikami
10/2 Brownsberg.
De kou viel vannacht hard mee. Wel is het jammer dat het aggregaat de hele nacht blijft draaien. Marineke heeft haar super-oorwatjes nodig en hoort zo zelfs de brulapen niet.
We maken met z'n tweeën een ochtendwandelingetje. Elke keer zijn we weer onder de indruk van de groeikracht, het overal uitbottende en om het licht vechtende leven. Het is heerlijk "stil" (nu het aggregaat uit is) in het bos.

We horen veel vogels, maar zien alleen de kamikami (soort hoen).

kamikami
Na het ontbijt moeten we even wachten totdat de beheerder met ons vieren op pad gaat, hij heeft eerst nog een paar dingen te doen. Het is wat mistig en Manuel denkt aan Levi-Straus (het trieste der tropen).We lopen met de gids eigenlijk alleen het grote pad af, heel stil en langzaam en goed kijkend. Volgens de gids is er minder te zien omdat het nog veel regent. Marineke is apetrots wanneer ze als eerste de kapucijnerapen ziet. Ze maken jolige sprongen. Later, in een boom vlakbij ons, zit een prachtige rood-bruine brulaap op zijn gemak te lunchen. Hij is goed door de verrekijker te bekijken en zelfs op de foto te zetten. Onderweg zien we nog die prachtige blauwe vlinder, de konkoni (surinaams konijn) en daarna nog een groep brulapen.
brulaap

mierzoet
Verder heel veel zwammetjes, planten, bloemen, rare vruchten, mooie bomen, mieren- en termietennesten. Dan moeten we terug want er komt weer een grote regenbui aanzetten. Na de lekkere soep wassen we af en maken we samen nog de rondwandeling. Bij een open plek zien we papegaaien, groen met een blauw kopje, nog veel andere vogels en vlinders en een opossum.
Later nog toekans en kolibries.
Manuel heeft inmiddels de bijnaam Pavarotti gekregen en om dat te bevestigen zingt hij maar een stukje uit de Parelvissers.

gifkikker
Weer lekker eten, bami met tja, ….. Thuis eten we nooit kip, zo halen we de schade voor jaren in.
's Avonds praten we een tijdje met Brigitte over haar pleegkind en nog wat andere zaken.

vlinder

vreemde vrucht

kolibrie

foto's van Victorine

Er heeft zich een kleine ramp voorgedaan.
Per ongeluk zijn foto's gewist. Gelukkig heeft een van de groepsleden een prima advies:
"Koop een nieuw geheugen en kijk of de fotowinkel thuis de boel kan herstellen".
Het betreft prachtige foto's.
Het komt gelukkig allemaal goed.

11/2 naar Paramaribo
's Ochtends hangt er een mysterieuze mist. Als troost heeft Graciata pannenkoeken gebakken. Lekker bij het ontbijt. Het is de bedoeling dat we na het inpakken om 10 uur weg zullen gaan. Onze chauffeurs moeten uit Paramaribo komen en zullen bellen als ze onder aan de berg zijn.

vreemde vrucht

web vogelspin
Het wordt later en later. Marineke brengt haar tijd zoek met het maken van nog meer foto's bijvoorbeeld van een vogelspin in haar hol.Het licht valt gunstig door het web heen.

vogelspin
Manuel koopt een paar bewerkte kalebasjes en een mooi gesneden houten wandelstok met vogelkop. In de groep ontstaat wat gemor over het uitblijven van de chauffeurs. Er blijkt weer iets niet met de afspraken te kloppen. Gelukkig is het weer opgeklaard en is de plek waar we zitten mooi. Wanneer we uiteindelijk vertrekken, blijkt de weg erg slecht. We zijn al laat en nu is het zeker niet meer mogelijk om langs de Afobakadam te gaan, jammer. Bij de "Chinees" koopt Manuel opnieuw een paar van die lekkere zoete "olijven".
Laat in de middag arriveren we in Paramaribo. Na het douchen bellen we Pim en Edward.
Schuin tegenover ons hotel is een Chinees. Je doet je bestelling via het hekwerk zoals gebruikelijk bij veel winkels hier.

zoete olijven

Edwards gezin
Het is een druk bezochte afhaal Chinees. De tafels en stoelen zijn netjes, maar het is natuurlijk een beetje kaal. Ons deert dat zeker niet, we vinden het passend. Het eten is overigens voortreffelijk. We worden geholpen door een heel aardig jongetje en we krijgen een groot bord eten voor weinig geld. Tegen een uur of half acht komen Edward, Cindy en hun zoontje Amari ons opzoeken. We gaan op het bovenste balkon zitten en wisselen wat ervaringen uit. Amari is een schat van een jongetje en erg slim voor zijn negen maanden. Wanneer Marineke vertelt over te weinig fotogeheugen biedt Edward aan ons naar de 'l Hermitage te rijden. Dit is een grote, Amerikaans opgezette "shopping mall"
De meeste winkels zijn tot half tien 's avonds open Nadat hij Cindy en Amari naar huis heeft gebracht, gaan we op weg. Best leuk zo'n ritje door de stad. Edward laat ons weer van alles zien en praat ondertussen honderd uit over zijn hobby hengelen, over de politiek en natuurlijk krijgen we weer een nummer van De West.
Voor de geheugenkaart komen we terecht in een internetcafé. Edward loopt een rondje en wij bekijken even of er nog belangrijke post is. We eten een ijsje en Edward een hamburger,dat is voor hem een beetje speciaal. Zo'n modern winkelcentrum is niet ongezellig, maar het is voor ons meer van hetzelfde.

Parimaribo vanaf de brug

bloemenmeisje
12/2 Paramaribo
Volgens het normale Koning Aap-programma kan er gefietst en gevaren worden. We lopen eerst naar de fietsverhuurder. Marineke heeft wat moeite om een juiste fiets te vinden en Manuel ziet het eigenlijk niet zo zitten. Een beetje jammer is dat we nu ook niet kunnen varen want het plan was dat we naar de pont zouden fietsen en daarna kon je kiezen om wat meer haltes mee te varen of de fietsrit langs de plantages mee te maken. Marineke vindt dat dit eigenlijk te onduidelijk is verteld. Maar goed, we gaan dus niet met de groep mee en trekken ons eigen plan.
De assistente van de fietsverhuurder vertelt dat op zondag in Fort Zeelandia gratis rondleidingen worden gegeven.

gestrafte slaaf
Dat is een goede suggestie.
Het blijkt een bijzonder goede, heldere, uitstekend sprekende, humoristische gids te zijn. Het is een vrijwilliger die hiermee in de voetsporen van zijn vader trad (was ook een enthousiaste gids). Er zijn enige interessante exposities, een over slavernij (met een heel leuk interactief computerprogramma waar je het boek van John Stedman kunt lezen en bladeren omslaan en uitvouwen om al de illustraties die hij maakte, te bekijken). Daarnaast is er een expositie over Surinaamse verpleegsters die hun opleiding in Nederland volgden.
Verder is er nog een koloniaal ingerichte kamer en wat prachtig (ook moderner) beeldhouwwerk.

slavenjager
Een andere tentoonstelling gaat over de oudste bewoners van Suriname (Indianen), met mooi vlechtwerk en allerlei gereedschappen (pre-Columbiaanse kunst). Navrant is het te bedenken dat in dit fort ook, nog maar zo kort geleden, de decembermoorden hebben plaatsgevonden. Nog steeds is niet helder wat er precies is gebeurd. De doofpot wil niet echt open.
Aan de waterkant eten we soep met ei en drinken een limonade. Lekker, goedkoop en een mooi uitzicht. Het is nu volop middag en vandaag schijnt de zon de hele dag. We worden hangerig en zoeken de koelte van het hotel op.
In de namiddag moeten we weer voor ons volgende uitstapje pakken.
Veel groepsleden hebben al eens gegeten in "de Lindenboom". Ze vinden het een plezierig restaurant en wij willen het ook wel eens proberen.

houtsnijwerk

daken van Paramaribo
Kennelijk treffen we de totaal verkeerde avond. Degene die bedient, heeft geen idee wat dat betekent (kletst wat en loopt veel doelloos rond en als het iets drukker wordt, paniekt hij). De buurman probeert ons uit te roken door autobanden te stoken. We moeten ontzettend lang wachten tot onze gerechten klaar zijn. Wanneer ze arriveren zijn ze koud. Het is ook wat vreemd dat wanneer je spinazie bestelt er niet even gezegd wordt dat dit er niet is. Ik krijg gewoon een nogal klein stukje broccolie op mijn bord. Voor Manuels rundvlees met rijst heb je een vergrootglas nodig. De aankleding is, maar niet onze smaak. Manuel noemt het een neptent. Gelukkig hebben de anderen wel goed gegeten. Al met al was dit op een of andere manier voor ons een dag met een gaatje.

soepschildpad in verkoop
13/2 Naar Galibi
Vroeg op want we gaan om acht uur weg. Althans dat is het plan. Het wordt wat later. Ondertussen houdt Marcel de moed erin door ons op een goede manier (hij lijkt me een goede gids) iets te vertellen over de schildpadden die we gaan zien. We gaan over de grote brug en zien het stuk waar de anderen gisteren fietsten. Dat is mooi meegenomen. Naarmate de rit vordert, wordt de weg slechter. Onderweg stoppen we bij een restaurantje en een kraampje waar een schildpad, met kop en poten vastgebonden in de lucht hangt te bengelen. Hij wordt verkocht als soepschildpad.
Manuel koopt bananen (bacoven). Anderen slaan sinaasappels en grapefruits in. Gracita deelt gebakjes en flesjes sap uit. Na een uur of drie komen we aan in Albina aan de Marowijne. Aan de overkant ligt Frans Guyana. De rivier is hier heel breed en vrij ruw want de zee is niet zo ver. Vroeger was Albina een welvarend stadje met pensions en hotels, waar mensen uit Paramaribo hun vakantie aan de strandjes doorbrachten. Tijdens de burgeroorlog is het geplunderd en alles wat enigszins mobiel was is verkocht. Nu is de gezelligheid verdwenen en de mensen hebben geen geld om op te knappen.
stalletje

albina
Toch begint het plaatsje langzamerhand weer omhoog te kruipen. Het is een typisch havenplaatsje. Marktje, veel bootjes, veelkleurig, veel verschillende bevolkingstypen., hier veel indianen, lekker sfeertje. Het inladen van de boten gebeurt ditmaal wat in verwarring. Brigitte heeft gezegd dat we wat konden rondwandelen, tegelijkertijd zijn anderen zoals Gracita een ketting aan het maken. Zwemvesten en regenkleding aan want we zullen nat worden. Dat gebeurt vooral in een van de twee boten. Het is twee uur varen en voor degenen die in de laatste (minder stabiele) boot zitten niet helemaal aangenaam want het regent ook nog eens behoorlijk.
Manuel zit in de eerste boot en geniet van de mangroves, de vogels, hier en daar dorpjes en gieren op het strand. De Indiaanse gids wijst van alles aan, bijvoorbeeld sporen van schildpadden.
De Warana lodge ligt in het natuurreservaat tegen de oceaan aan. Opnieuw zijn kamertjes met twee stel stapelbedden.
We lopen een stukje over het terrein. Achter het andere gebouw loopt een paadje weg van het strand. We zijn nieuwsgierig. Hagedisjes, een vispoeltje waaruit vogels opvliegen en heel veel muggen. Het paadje loopt niet verder, we moeten terug. Op het terrein zelf staan veel cashewnotenbomen.

Babunsanti natuurreservaat

cashewnoten
De cashewvrucht isboeiend. De eigenlijke noot groeit bovenop. Het gedeelte eronder is rood en smaakt lekker maar wel apart; een beetje zoet-wrang. Er wordt sap van gemaakt. De noten moet je eerst branden voordat je ze kunt eten.

afval dat schildpadden doodt

stronk
We zwemmen (eerder pootje baden want de onderstroom is vrij sterk) in brak water. Het is weer lekker warm.
Marineke gaat in een hangmat en Manuel loopt een eind langs het strand en bekijkt allerlei aangespoelde kokosnoten, stronken, resten van schildpadden. Veel worden gedood doordat ze stikken in plastic zakken die ze aanzagen voor kwallen.
Overigens levert zo'n zandstrand langs het regenwoud wel het typische idyllische vakantieplaatje op. Manuel besluit vannacht in een hangmat te slapen i.p.v. in een klein kamertje.
Hij kan er een bij de gids huren voor 3 SRD.
Wanneer hij erin wil gaan liggen, klapt de mat om een Manuel valt met zijn hoofd op het beton. Een enorme klap. Hij komt met de schrik vrij en een grote bult, verder gelukkig niets ernstigs. Na het eten (lekker vis en veel groen) smeert Marineke Tokotolien op de bult. Dat voelt goed. Manuel slaapt redelijk goed in de hangmat die onder een afdak hangt. Het regent en er zijn windstoten. Anderen die hun hangmat in de boom hebben hangen moeten naar binnen vluchten.

hangmatten

levenscyclus schildpad
14/2 Schildpadden, Christiaankondre.
Om half vier in de nacht worden we met koffie gewekt voor de strandwandeling. We zullen schildpadden gaan bekijken. Het is volle maan en helder; een genot om langs het strand te lopen. Aanvankelijk zijn er geen schildpadden te zien.
Maar dan is er een spoor, de gids brengt ons bij een schildpad die achter het eerste lage duintje bezig is eieren te leggen. Ze ligt tussen de struikjes in een diep zelf gegraven gat.
We mogen het rustig bekijken als we maar niet aan de voorkant bij de kop van de schildpad komen. De gids licht bij met de zaklantaarn en als we knielen kunnen we inderdaad de eieren zien komen. Fantastisch. Manuel is er helemaal emotioneel onder. Verderop is een schildpad bezig de pasgelegde eieren te camoufleren; ze diep onder het zand te werken en zo met haar vinpoten te schuiven dat het lijkt alsof de eieren in een (nep)kuil iets verderop liggen. Een inspannend werk. De schildpad moet telkens uitrusten. Als het karwei klaar is, schuifelt ze weer moeizaam naar zee. Het moment dat ze weer de golven in gaat, geeft ons een zucht van verlichting. Weer verderop is nog een heel grote bezig met het dichtgooien en camoufleren. Ze lijkt zichzelf bijna in te graven en last te hebben van takken en ranken. Het duurt eeuwen. Wij leken, zijn bang dat ze er niet uit komt. Lang nadat de gids en de anderen zijn teruggegaan en wij nog met een paar mensen zijn blijven kijken, draait ze een kwartslag, kruipt naar de zee en verdwijnt in de vloed.
Wat prachtig, wat een belevenis.

schildpadeieren

cactusvliegen
We gaan niet meer slapen, maar wachten op de zonsopgang boven het water. Er is een grote donkere wolk en de zon is niet te zien.
Toch niet zo erg want de grote witte bloemen van de reuzecactussen gaan juist op dit moment (voor een korte tijd) open. Vele vliegjes lopen over de meeldraden.
Na het ontbijt gaan we in de spetterende boten naar Frans Guyana. We bezoeken een Indianendorp dat er heel netjes uitziet.
Brigitte stelt ons voor aan de kapitein. Het is wel vreemd om nu ineens Frans te praten, maar talige Manuel heeft er geen moeite mee.
De kapitein is rijk. Hij heeft twee auto's.

zonsopgang

net indiaans dorp
Er loopt vanaf hier een geasfalteerde verbindingsweg met de hoofdstad Cayenne en St. Laurent.
Hier wordt rechts gereden.
We zien veel borden met een aansporing om de boel netjes te houden. Dat lijkt hier te lukken. Het ziet er meer welvarend en ook keurig uit. Het dorp heeft een klein museum. Er zijn platen met afbeeldingen van de flora en fauna van dit gebied. Verslagen van de trek van de zeeschildpadden, een skelet en aanverwant materiaal worden op een bijzonder educatieve wijze getoond. Speels en met simpele middelen. Marineke krijgt er geen genoeg van.
Dan gaan we terug naar de Surinaamse kant, naar het Indianendorp Langamankondre.
We bezoeken de St. Antonius(basis)school. Het gebouw is 80 jaar oud, maar pas gerenoveerd. Het ziet er fleurig en fris uit en heeft heel mooie wandversieringen. Een aantal prachtige abstracte indiaanse motieven en een naturalistisch voorstelling. De kinderen hebben net Valentijnsdag gevierd en zijn uitgelaten. Er zijn een koning en een koningin gekozen, ze hebben iets kleins gekregen en ook nog een ballon.
Alle kinderen willen wel op de foto: dollend (sommige jongetjes doen stoer) en soms een beetje verlegen.
De leerkrachten zijn trots op hun school en op deze manier is het vast fijn om, in vrolijk geschilderde lokalen, les te geven.

schildpadkaart

schoolkinderen
Veel leden van de groep kopen leuke, door de kinderen vervaardigde schildpadkaartjes. Een kleine neveninkomst voor de school.
Via een recreatiecentrumpje in aanbouw, er is ook een podium gesponsord door Parbobier, lopen we langs het water naar het vrouwencentrum.
Hier worden allerlei zelfgemaakte dingen te koop aangeboden: echt fraaie armbanden, kettingen, vlecht-en snijwerk. We varen terug naar onze lodge en worden door Gracita ontvangen met limonade en watermeloen en pittige soep met rijst. Daarna is het relaxen: heerlijk lezen, een beetje wandelen, zwemmen een beetje dutten na de korte nacht.
Na het avondeten wandelen we nog even samen langs het strand. Dan worden we aangenaam verrast.
vlak bij de lodge is een schildpad net het strand op gegaan. Het spoor is nog vers; ze is nog maar pas boven en nog niet eens aan het graven. We lopen stilletjes verder want we willen haar niet storen. Dan zien we nog een spoor een andere, een enorm grote schildpad, is net met graven begonnen, prachtig. We lopen weer verder en komen een opzichter tegen. Hij vertelt dat er verderop nog meer sporen zijn. Hij controleert de mensen die over het strand lopen. We leggen uit dat we vorige nacht met gids en groep al op weg zijn geweest en heel rustig zijn. Hij vertelt ons nog een heleboel over het beheer van dit gebied, het onderzoek en de stropers. Wat dat betreft is het dweilen met de kraam open. Het gebied is te groot. Er zijn te weinig bewakers.
Er komt een bui aan. We keren met de opzichter terug naar de lodge. Marineke heeft geen zin om natgeregend te worden en gaat binnen slapen.

paradijsje

wandversiering school
Manuel gaat weer in zijn eigen hangmat onder het afdak. Midden in de nacht steekt er een laaiende storm op met enorme hoosbuien. Hij houdt het lang vol, maar als de stoelen onder de hangmat worden doorgeblazen en hij zich met twee handen moet vasthouden aan de heen en weer zwiepende hangmat, wordt het ook hem te gortig. Samen met de hulpkok, in de hangmat naast hem, duikt hij in de eetruimte tot de wind gaat liggen. Daarna kan hij tot half zeven soezen, want dan begint de nieuwe dag.

spin
15/2 februari via St Laurent naar Paramaribo.
Marineke scharrelt vroeg rond en geniet van het mooie licht. Dan ziet ze op het strand mensen met geweren lopen. Het zijn stropers. Ze weet niet wat ze moet doen. Zal ze een haar fototoestel gaan halen en ze op de foto zetten en die via internet verspreiden? Eigenlijk is ze een beetje bang. Later hoort ze dat de nesten die we gisteren zagen, allemaal zijn leeggeroofd. Het is toch verschrikkelijk.
Dan moet er ingepakt worden om terug te varen naar Albina. Een boot zal naar St Laurent in Frans Guyana varen. We kunnen zien waar Papillon gevangen gezeten heeft.

mogelijk plasstrandje

St Laurent; geketende slaaf
Het is een tijdje onduidelijk wie Naar St. Laurent wil en wie dus in welke boot gaat, maar uiteindelijk vertrekken we en iedereen is tevreden. Eigenlijk is het maar een korte excursie van een kwartiertje. Marineke vermoedt dat Brigitte ergens hoopt dat we er geen zin in hebben. Later hoort ze dat die extra boottocht de organisatoren een boel geld kost.
Onderweg krijgen we fikse regenbuien, afgewisseld met brandende zon.
De tocht duurt wat langer dan we dachten en twee vrouwen moeten plassen. De boot wordt naar een miniem, maar zeer romantisch strandje gevaren. Er wordt even met een stok in het water gepord om mogelijke slangen weg te jagen. Daarna kunnen we opgelucht weer verder.
In St Laurent bekijken we het voormalige strafkamp, nu een museum.
In een van de bijgebouwen worden we verrast door een mooie tentoonstelling van hedendaagse kunst. Het thema is vrijheid. Kunstenaars uit Suriname en Frans Guyana doen er aan mee.
Het is interessant om te zien hoe de kunstenaars traditionele motieven en werkwijzen vermengen met moderne materialen en verwerkingsmogelijkheden. Wel is het jammer dat we zo snel terug moeten. Onderweg naar de boot worden we overvallen door een hevige regenbui. In de boot, in de neergutsende regen, moeten we wachten op de anderen die te laat zijn, of wat Marineke vermoedt, ergens aan het schuilen zijn. Maar het is een duur-bui.
Brigitte mag niet aan wal om de anderen op te halen want ze mag dit land niet in. Surinamers zijn na een grensincident niet meer welkom. Dan ziet Marineke de anderen onder een afdak drentelen en roept ze. Volslagen doorweekt komen we in Albina aan.
Ondertussen heeft Gracita een restaurantje geregeld waar we kunnen eten. Marineke kan van kleren van Lenneke kleren lenen. Manuel kan bij zijn eigen tas om er wat droogs uit te vissen. Hij verkleedt zich buiten, onder de achterklep van het busje.

batikwerk

nat....
Een groep passerende tieners vindt het leuk te zien hoe Manuel er half bloot staat te hannesen.
Het eten smaakt na deze belevenis erg goed. Daarna is het weer hobbel, schok, steun, kreun in de bus op weg naar Paramaribo.
Na drie uur zijn we weer "thuis". Het is hier lekker weer. We wassen onszelf, doen de was, kletsen met Edward die even langs komt. In de boekhandel kopen we kaarten en een boekje. Voor de winkel staat een van de weinige brievenbussen in Paramaribo, we willen weten of de post ook daadwerkelijk aankomt en sturen onszelf ook een kaartje. Daarna eten we weer bij "onze" Chinees. Lekker en goed. Op tijd naar bed want we moeten morgen weer heel vroeg op.
16/2 naar de Raleighvallen.
Vroeg?! Het had iets relaxter gekund want vijf uur wordt half zes. Er deden geruchten de ronde dat we een extra bus zouden krijgen, maar nee het wordt weer het gebruikelijke proppen in één bus. Marineke voorin en Manuel op zijn vaste stek een beetje achterin. Manuel valt kort na vertrek in slaap en wordt wakker als het licht is. Marineke benijdt zijn slaapvermogen.
Van tijd tot tijd stoppen we en een steeds groter aantal mensen loopt dan een stuk vooruit.
Een aantal hebben dikke voeten van het lange zitten in het busje en het is erg goed om even de benen te strekkken en je ziet en hoort vogels, vlinders, kevers, bloemen, een slangetje.

triest

paadje naar kostgrondje
Gelukkig is het mooi weer.
We zien een overwoekerde locomotief.
De jungle aan weerszijde is prachtig.
De weg wordt steeds smaller en slechter.
Het gaat regenen en er komen plassen in de soms zeer diepe kuilen te staan. Uiteindelijk wordt de weg net zo smal als het busje; zo heb je echt het gevoel door de jungle te rijden. Prachtig. We zien heel veel bloemen.
In het begin komen we nog huizen van Arawakindianen met hun kostgrondjes tegen, later is het alleen maar bos en nog eens bos.
De chauffeurs moeten een grote vaardigheid hebben om en door de kuilen te manoeuvreren.

kever

slechte weg
Toch gaat het op een gegeven moment mis. Het bagagebusje komt hopeloos vast te zitten. We moeten de bus uit en onze bus trekt het bagagebusje vrij. Daarna komt het busje nog een aantal malen vast te zitten en ook onze bus krijgt zijn portie: weer uitstappen.
Op zich niet zo erg en best spannend, maar het kost heel veel tijd en zo wordt de rit van zeven uur langer en langer. Opeens wordt de weg breder, is hij kaarsrecht en goed onderhouden. Marineke begrijpt (maar misschien verkeerd) van Brigitte dat dit droppingplaatsen zijn voor drugs.
Nog even een smaller stuk en dan zijn we bij de rivier. Maar…… er zijn geen boten. Brigitte blijft optimistisch, maar Gracita gaat er achteraan.

houtvervoer

houtkap
Dan blijkt uit radiocontact dat er niet is doorgegeven dat wij komen! Er moeten nog bootsmannen worden gezocht en boten klaargemaakt.
We zitten bij het dorpje Witagron en dat gaan we meteen maar bezoeken. We praten wat met de onderwijzeressen van het drieklassige dorpsschooltje. Daarna lopen we de weg een eindje terug en zien grote groepen papegaaiachtigen. Het wachten duurt erg lang. Juist op het moment dat de boten komen, begint een enorme regenbui. Het inladen wordt een gevaarlijke klus en verschillende mensen durven de steile zeer glibberige helling met stenen en stronken die gevaarlijk uitsteken, niet af.

geen boten bij Witagron

Coppenamerivier
Met veel helpende handen en op je achterwerk naar beneden glibberen, lukt het. Weer eens helemaal doorweekt en nu ook bemodderd zitten we in de boten. Ze hebben grote buitenboordmotoren en met deze snelheid is het varen zelfs in een tropisch land, ongelooflijk koud. Heel jammer, de Coppenamerivier is prachtig. Een nare samenloop, hadden we maar wat eerder weg gekund.
Het woud lijkt hier nog dichter en hoger dan elders. Reigers, hoog over vliegende parkieten en de reuzenijsvogel. Overal in het water zijn rotsen en stroomversnellingen, maar de bootsmannen zijn handig. Al houdt na anderhalf uur de regen op, uiteindelijk komen we toch als een stel verzopen katten aan.
Het Foengoe-eiland ligt erg mooi.
We laden snel uit en lopen achter Brigitte aan.
Ze wordt gedirigeerd naar "Tapir". Consternatie want er was een ander logeergebouw geboekt. Nu moeten we in stapelbedden op een slaapzaal slapen terwijl het de bedoeling was dat we in gewone tweepersoonskamers zouden zitten.
In het gewenste gebouw zitten nu een paar Amerikanen. Deze mensen bouwen een groot gebouw vlak boven de aanlegplaats. Het bederft volgens ons het aanzicht van het eiland totaal. We trekken droge kleren aan. Sommige van ons kunnen dat niet omdat hun bagage nat is geworden. Onplezierig, want hier droogt het ook niet.
Misschien morgen als er even zon is.

slaapzaal

doodshoofdaapje
Het is overigens een lust om op dit eiland rond te lopen.
Er zitten hier apen, prachtige vlinders en kolibries. De laatste kunnen we goed zien wanneer ze af en toe komen snoepen van de voedingsfles die aan ons afdak hangt.
Bij het naar bed gaan is het een druk gerommel en georganiseer op en rond de stapelbedden, er zijn geen planken of kastjes waarop je wat spullen neer kunt leggen.
Manuel moet denken aan jeugdherbergen en militaire dienst.

soort kolibrie
17/2 Foengoe-eiland
Een paar keer was er deze nacht een luid concert van brulapen.
Nog voor het ontbijt lopen we even naar de airstrip die boven het kamp ligt. Hier kun je veel vogels zien. We horen we de coucoucha's wakker worden. Een grappig geluid als ze naar elkaar roepen. In een bosje beginnen er een paar en dat wordt later in verschillende richtingen door anderen over genomen. Papegaaien vliegen over en we zien verschillende toekans landen. Er is een nest van de (waarschijnlijk) gele troepiaal niet ver van het afdak. De mannen van de radiopost hebben vis gevangen en hangen hun netten te drogen.
Ook na het ontbijt lopen we weer even omhoog en zien een hele groep doodshoofdaapjes eten, spelen springen. We krijgen er geen genoeg van naar deze acrobaten te kijken.
Aan de overzijde van de strip is een smal paadje naar de rivier dat eindigt bij een heel klein strandje.

grote kiskadie

strandje
Het is hier goed vertoeven, Marineke maakt veel foto's van een mooie rode passiebloem, witte bloesems en andere flora. Manuel zit heerlijk naar vogels te kijken en luisteren. We lopen terug via een smal paadje langs bungalowtjes en dan langs het gebouw waar wij oorspronkelijk zouden verblijven. Marineke is nieuwsgierig. De meeste kamers zijn vrij. Ze zijn inderdaad mooi, met een balkon (met hangmat) aan de zijde van de rivier. Ze informeert eens voorzichtig bij de beheerder of het mogelijk is met bijbetaling vannacht in zo'n kamer te slapen. Dan wordt een onwaarschijnlijk hoog bedrag genoemd (daarvoor zit je bij ons in het Hilton), bovendien moet dan eerst gereserveerd worden in Paramaribo…??!!

gedroomd logeergebouw

gedroomde kamer

groenhartvogel
De helft van de groep gaat de Volzberg beklimmen.
Wij lopen liever rustig met z'n tweeën het paadje midden over het eiland af. Op een bepaald stuk is de groenhartvogel met zijn opvallende roep actief. Wat leuk dat je met de camera ook geluiden kunt opnemen. We lopen lekker rustig, luisteren, kijken en fotograferen: een aparte rups, mierennesten, kronkelende lianen, veel bloemen.
Manuel doet het na de wandeling rustig aan en Marineke gaat wat zwemmen en kletsen met een stagiair die een examen doet over bomen (er zijn hier heel veel soorten dan in Holland en hij moet er heel veel over weten). Deze jongen heeft ook een boekje bij zich waarin de meeste dieren uit dit gebied staan. Marineke mag het even lenen en bij gebrek aan een kopieermachine maakt ze wat foto's. Het is een boekje van het Wereld Natuurfonds, dus het moet ook in Nederland te krijgen zijn.
Om vier uur gaan de mensen die de Volzberg niet beklommen met de boot de anderen
ophalen.

vogelspin

vogel

kepani

rups

Gracita
Daar zullen we bij watervallen wat poedelen de anderen weer ontmoeten. We leggen aan bij een kleine rotspartij en moeten nog vijf minuten wandelen over een aardig paadje tot we bij de idyllische plek aankomen. De andere hebben een goede wandeling en daarna een pittige klim gehad. Inmiddels zijn ze alweer uitgerust. Wanneer we terugzijn en wat fruit gegeten hebben, gaan we schrijven en lezen op een bankje bij de rivier.
Op de rotsen lopen de gieren statig rond en kleine vogeltjes zijn druk in de weer in de struiken.
Ook na het avondeten gaan we weer terug naar deze plek, maar gaan nu op de rotsen zitten, nog dichter bij het water, dichter bij de oerwoudgeluiden.
Op het moment is het vrijwel wolkeloos en de sterrenpracht is overweldigend.
Het geeft een heel apart gevoel. Alsof je hier al heel lang wilde zijn, een soort heimwee en tegelijkertijd is het zo nieuw dat je je buitengesloten voelt.
De "brulboomkikkers" geven een fascinerend concert, minimal music op zijn best, we genieten.

passiebloem

doodshoofdaapje
18/2 februari terug naar Paramaribo
Iets later wakker dan we wilden, maar toch vroeg genoeg om even voor het ontbijt nog wat vogels te "betrappen". Ditmaal weer andere, mooie hoenderachtigen hoog in de boom en opnieuw overvliegende parkieten en toekans.
Na het ontbijt gaan we het bospad weer op, lopen langs de hutjes van vaste medewerkers en zien opnieuw de doodshoofdaapjes. We nemen nu de andere afslag naar de airstrip. Dat blijkt een heel erg leuk pad, alleen wel vergeven van de muggen.
We zien twee gekuifde spechtjes en horen het imposante gehamer van een grote specht, een (soort) uilenroep en weer nieuwe zangkunstenaartjes. Manuel ontdekt een roodbruin vogeltje dat rustig zit te eten, maar Marineke loopt een eind achter dus geen foto.

zonnepanelen

de was
Hij ziet ook dat een geel vogeltje vliegensvlug een sprinkhaan vangt, het doodslaat op een stukje hout en het met redelijk veel moeite verorbert. Na deze wandeling nog even zwemmen, een praatje maken met Anna, de kokkin in weer een ander slaapgebouw. Zij kookt een paar maanden voor de bezoekers, werkers, onderzoekers stagiaires en alles wat hier aan komt waaien. Dan is het weer inpakken geblazen. We zien op tegen het sjouwen van de bagage, want die moet immers omhoog naar de airstrip. Ach, dat wordt gedaan door sjouwers en met een kruiwagen. Wat lief.

hutjes mederwerkers

twee vliegtuigjes
We bereiden ons voor op een "Surinaams uurtje", maar en komt hoog bezoek uit Paramaribo dus de vliegtuigjes zijn op tijd.
Eerst verschijn een klein Cessna-achtig vliegtuigje. Daarin mogen vijf mensen mee.
Het andere, iets grotere vliegtuig is ook leuk. We kruipen voorin, naast de propeller en vlak achter de cockpit. We vliegen hoger dan 300 meter, maar toch ook weer niet zo hoog. We hebben een mooi gezicht over de bossen; de bekende boerenkool. De rivieren als glanzende linten en de wegen als dunne okeren lijntjes. Het gaat allemaal relaxed. De co-piloot leest de krant.
De drie kwartier gaat veel te vlug om. Daar hebben we beneden zo moeizaam een half etmaal over gedaan. Het vliegveld Zorg en Hoop is behoorlijk druk.
Veel kleine vliegtuigjes, veel mensen, onder andere een familie die een dode uitgeleide doet (die wordt waarschijnlijk in het binnenland begraven) en zoals gebruikelijk, heel wat taxichauffeurs.
De vertrouwde bus van Ricky's onderneming brengt ons weer veilig bij het hotel.
Douchen en een late zaterdagmiddagwandeling door Paramaribo.

vertrek

hagedis
Wat is het stil, de "academie" is dicht, het cafeetje bij het water ook, dan maar naar de binnenstad.Naar het internetcafé in de oude synagoge. In Krasnapolsky zou een expositie zijn. In de luxueuze lounge vertelt de uiterst beleefde receptionist dat dit nu niet het geval is, maar hij geeft ons wel allerlei informatie over andere culturele mogelijkheden. 's Avonds gaan we met Edward en Cindy eten. Het restaurant waar hij aanvankelijk naar toe wilde, blijkt helemaal vol en we komen terecht bij Tsi Min. Daar is nog een tafel vrij. Een menukaart om van te duizelen. Lang wachten, maar er valt veel te praten. Voor we het weten is het half twaalf.
19/2 naar Nickerie.
We gaan redelijk op tijd weg (maar een half uur later dan afgesproken en met een (1) bus (alle bagage achterin) gaan we naar Nickerie. Onderweg bezoeken we de zondagsmarkt in Kwatta. Dat is leuk. We kopen wat fruit en tamarindepastei (schijnt erg gezond te zijn). Het is een rijk gekleurd geheel: zowel de groente, vis, als de mensen. We zien een gevilde konkoni en drinken een roze kokossap.
We stoppen in Groningen waar veel monumenten staan ter herinnering aan allerlei historische gebeurtenissen zoals de onafhankelijkheid.
Er zijn ook allerlei bomen geplant ter herinnering aan de geboortes van diverse leden van de koninklijke familie.

konikoni (goudhaas)

historisch plaatsje
We komen langs de plek waar iedereen gaat vissen, ook Edward zal ergens zitten hengelen.
Veel Surinamers zijn dol op deze sport, maar het is tevens een noodzakelijke aanvulling op de eiwitvoorziening.
We rijden door Coronie, het kokosdistrict.
De kokospalm groeit goed op verzilte grond.
En dat is het hier, de zee rukt op, de kust kalft af. De huisjes staan noodzaketlijkerwijs op poten.

stalletje
In een stalletje langs de weg drinken we kokossap van een verse kokosnoot. Er worden ook mango's, honig en melasse verkocht.
De knappe kinderen die helpen worden op de foto gezet.
Het landschap wordt steeds vlakker, het doet " Hollands" aan. Polders, een kanaal, rechte lappen groen (de rijstvelden zijn van een lichter groen dan graslanden), riet, wilgen, koeien.

jongetje

loslopende koeien
Nog net geen molens. Daarvoor in de plaats een grote schuur voor rijst. Overigens gaat het niet zo goed meer met de rijstteelt. De concurrentie met het buitenland is moordend. Vlak voor Nickerie passeren we een grote brug. Nickerie zelf doet vreemd stil aan. Afwisselend zijn er aardige, vrij grote huizen, loodsen en rijstpellerijen. Misschien zo stil omdat het zondag is. De straten staan loodrecht op elkaar en midden door het stadje loopt een kanaal dat dicht gegroeid is met roze lotusbloemen. Ook het hotel doet vreemd aan, tamelijk shabby, net niet louche.
Misschien ook een zondag-landerigheid?
Het kleine zwembad zit vol kinderen, waarschijnlijk uit de buurt (ach ja zondag). Het hotel ligt wel mooi aan de rivier. Wanneer we op de kamer komen blijken er nog oude vieze lakens op te liggen en de handdoeken zijn ze vergeten. Wisten ze niet dat wij kwamen?
Met bijna de hele ploeg gaan we lunchen bij een Chinees.
We zitten in een achterzaal waar geen ramen zijn.
Raar hoor, midden op de dag in zo'n donkere ruimte.
Verder hebben we haast want we hebben nog een (dure) excursie naar Bigi Pan voor de boeg.

rijst

kiekendief

De Chinees wist niet van onze komst en ik vind dat hij knap kan improviseren, alleen… het is wel weer wachten en wachten. Brigitte is verbaasd dat we ons eten nog niet op hebben. Tja onze tafel was het laatst aan de beurt. Mirjam wil echt even rustig afeten.
Marineke gaat hier niet naar de WC. Niemand wil dat trouwens. Hij is hartstikke vies en er zit een joekel van een spin op de tegels.
Kan de boottocht nog wel doorgaan nu het zoveel later is geworden? Ja dus, al worden we mopperig ontvangen. We gaan met twee ranke boten en een paar aardige bootsmannen. Mannie blijkt onderweg echt van alles te zien.
Onderweg moeten de boten over een " overhaal", een sleephelling getrokken worden naar het kanaal waar het water hoger staat.


wc-spin
Een kiekendief strijkt neer op een boom en observeert het hele gedoe. Manuels kijker komt weer prima van pas. Eerst varen we door een kanaal met aan de ene zijde moerasgebied, aan de andere kant rijstvelden. Onderweg heeft Brigitte heeft heel wat in het Sranan te bespreken met Moon die ook mee is. Ik vind het jammer dat ze zoveel praten. Ik roep een keer sttt…, maar dat helpt niet. Er zijn zwarte arenden, een moerasbuizerd, visarenden, kaneelvogeltjes, sterns, mangroves, riet, natte rijstvelden.

overhaal

kanaal met wilde vogels

moerasarend
Dan komen we bij een groot meer, het stukje van het natuurreservaat waar we de rode ibissen zullen zien. Bomenstaken van afstervende bomen, maar dit is natuurlijk: er groeien alweer nieuwe bomen naast. Iets verder is een stuk waar het water wat ruiger is, de wind blaast stevig tegen de bootjes. Midden op dit meer staan een aantal waterhuizen op palen. Het mooiste is van een drugsdealer. Ook dat van de natuurbescherming ziet er goed onderhouden uit.

huis drugsdealer

vissershut
Schilderachtig is een onderdakje voor vissers.
Langs de randen zien we witte ibissen.
Daarna volgt een ander stuk. Het is hier op veel plaatsen heel erg ondiep. De boten worden even stil gelegd en we zien in de verte de rode ibissen opvliegen. Mannie schijnt wat verbaasd, want hij had de ibissen nog niet hier verwacht.
We varen nog een klein stukje verder tot we weer bij een wat dichterbegroeid stukje komen.

Een mooi stukje toneel (althans dat denk ik) is het moment dat de bootsmannen de motoren uitzetten, het water in gaan en de boten in stilte voortduwen. Het lukt Brigitte zelfs heel even om ook haar mond te houden.
Dan is het ook echt genieten van de stilte en de lage zon in het water, soms achter de wolken, waardoor die mooi weerkaatst worden.
Helaas moeten we snel terug, het wordt al donker. Wat zouden we hier graag wat langer gebleven zijn. Onderweg, terug in het kanaal ziet Mannie kaaimannen. We mogen toch nog even kijken.
Het is al donker wanneer we weer bij het hotel zijn.


wachten op rode ibissen

schilderachtig
Even naar de kamer omkleden en dan brengt Moon ons naar "het centrum".
Onderweg stoppen we eerst even bij de tante van Brigitte. Ze krijgt een ontroerende omhelzing. Even (Surinaams) kletsen en weer verder naar een Chinese supermarkt om wat snoepwerk en eten voor de tocht van morgen te kopen. Dan op naar het Javaanse eethuis dat Brigitte ons beloofd heeft. Het ene blijkt dicht en het andere is eigenlijk ook al gesloten (het is inmiddels half tien). Brigitte regelt toch eten, ze komt om de mensen te ontlasten, zelf de bestellingen opnemen.
20/2 naar Apura
Er heel wat gedoe geweest over het tijdstip waarop de boot zal arriveren. Het officiële plan is om zes uur weg te gaan zodat we nog 's middags het indianendorp Washabo kunnen bezoeken. Maar er komt bericht dat we pas om 13.00 uur weg gaan. Hierop volgt gemor van onze groep. Brigitte geeft dat door, maar heeft al een leuk plan voor de ochtend klaar (Zeedijk, Hindoestaanse tempel). Dan is er een telefoontje dat we om acht uur vertrekken.
We staan op tijd (om acht uur dus) klaar, maar natuurlijk geen boot. Jammer, in de uren die we nu moeten wachten, hadden we toch wel lekker op de markt kunnen scharrelen en naar de Zeedijk en de tempel gekund. De boot arriveert tegen half elf, maar vertrekken kunnen we niet. Eerst moet er voor de bootsman benzine gehaald worden en boodschappen gedaan. Moon wordt gecharterd als privé chauffeur.

ontbijt

wachten
Tenslotte, na nog eens koffie, kunnen we inladen en instappen.
Het is een overdekte boot met in het ruim twee banken tegenover elkaar. Het doet een beetje denken aan zitten in de oude trekschuit.
Het regent vette pijpenstelen. Het zeil gaat dicht tegen de regen. Als iedereen op de banken wil zitten is de ruimte te klein. Gelukkig duiken er een paar op de bagage in het vooronder, twee gaan op het trapje naar het voordek zitten of op het bankje daartussen. Het wordt een lange tocht met staren, hangen en wat lezen. Er worden heel wat puzzels opgelost. Er wordt gewed hoe laat we zullen aankomen, zes uur, zeven uur?
Half een zegt Manuel balorig.
Na een uur of wat wordt de regen wat minder, alle zeilen gaan open, een fraai uitzicht.
Soms zijn er watervogels te zien, maar meestal is het groen, groen, groen. Marineke moet vreselijk plassen van de koffie. Ze had van Brigitte begrepen dan we onderweg ergens zouden aanleggen. Nee dus.

de boot

plashulp
Meer vrouwen komen in problemen. Na uren houden we vlak voor een nederzettinkje stil. Een oudere man komt met een bootje langszij en haalt de vrouwen in nood op. We kunnen in zijn boomgaard plassen.
Manuel vindt het maar een vreemde toestand. Deze man loopt tot zijn middel in het water om de dames te kunnen laten plassen. Hij wil geen geld (logisch, we zitten aan de Engelse kant, in Guyana). Gelukkig heeft Marineke nog een lekkere koek die hij accepteert.
Het weer blijft slecht, veel regen en af en toe droog.
Na vele uren varen, het is inmiddels na zevenen, zijn we er. Er staan vrachtwagens en pick-ups klaar om ons op te halen. In het oude hotel, met veel driepersoons kamers is het even een gedoe wie waar gaat slapen. We hebben een kamer voor onszelf, met een bed over. Heerlijk ruim. We eten aan een fraai gedekte tafel in een grote zaal waar ook de TV hard aan staat. Er is een bar, die overigens niet open is. Het eten is na zo'n barre tocht dubbel lekker.

huis bij plasplaats

hotel Apura
Als specialiteit: pingo, bosvarken. Verder zoute vis, doperwtjes kip, groenten, rijst, tomaat. Na het eten kletsen we nog wat.
21/2 februari. Kapurikreek, Washabo
Marineke had Manuel al gewaarschuwd: de douche doet het niet als iemand ernaast ook baadt. Toch levert dit geen aanslag op het goede humeur want Manuel en Jenneke galmen een stukje uit de Zauberfllöte. Voor het ontbijt maken we een wandeling door het dorp. Het ziet er voor Surinaamse begrippen redelijk uit. Weliswaar zijn veel huizen aan het vervallen, maar er wordt onderhoud aan gepleegd.

bruynzeelhuizen

loslopend pluimvee
Er zijn soms een soort voortuinen met bloemen en pluimvee. Het zijn oude Bruynzeelhuizen, de hardhouten constructies kunnen een tijd mee. Iets anders is het met wanden waarin andere materialen verwerkt zijn; daar vallen de gaten in. Zo worden bij ons hotel de gaten opgelapt met stukken plastic. Ik hoor 's nachts geknaag en gerommel in de wanden. Het is heel gek, tot nu toe hebben we heerlijk rondgekeken in Suriname, voelen ons betrokken, maar hier gebeurt iets met ons. Misschien ook omdat Manuel vertelt dat er vroeger sprake is geweest dat zijn vader hier naar toe zou gaan. Hij werkte bij Bruynzeel in Zaandam en op een gegeven moment vroegen ze hem te helpen bij de bouw van dit dorp, maar Manuels moeder wilde niet.
Zowel bij Manuel als Marineke kriebelt het in de maag, een soort ontroering, haast een thuisvoelen. Gek, want het is helemaal geen mooi dorp. Allemaal rechte straten -overigens echt bestraat met straatstenen, uniek voor Suriname-. Het heeft hier onmiskenbaar iets Hollands. Het dorp werd halverwege de jaren zeventig gebouwd in het kader van het "West-Surinameproject". Het zou een nieuw economisch centrum worden. Er was bauxiet gevonden. Waterkracht voor verwerking zou gewonnen worden door een stuwdam in de Kalebo. Er werd zelfs een spoorlijn gebouwd tussen de toekomstige mijn in het Bakhuisgebergte en Apura. Maar de grote maatschappijen vonden dat er te weinig te winnen was en de wereldprijzen zakten.... Het project werd stopgezet. Het dorp ontvolkte, de spoorlijn werd bijna geheel overwoekerd. Na 1989 was er nog een korte "bloeitijd". De omringende bossen werden leeggeroofd voor hout en de bewoners hadden werk in de houtzagerijen.

"bloementuin"

school
Inmiddels is dit overgenomen door nog goedkopere Chinezen die overgevlogen worden en per project verder het land door trekken. De huizen zijn gedeeltelijk bezet door de dorpelingen uit Washabo. Alles bij elkaar een trieste zaak. De kinderen zijn op weg naar school, ze dragen ook hier uniformen.
Het scholencomplex ziet er ruim en verzorgd uit. Opnieuw zien en horen we veel vogels. Henriette is jarig en bij het ontbijt krijgt ze een kaart met veel schrijfsels en een gekookt ei, een Surinaams gebruik. We zingen haar uit volle borst toe.
Met een truck (de witte tuinstoelen worden weer in de achterbak gezet, ze passen er precies in) worden we naar de bootjes gebracht voor een tocht door de Kapurikreek. In het brede stuk zien we eerst de Hoatzins of stinkvogels. Een lelijk woord voor een prachtig beest. Onze bootsman heeft gelukkig niet zoveel haast. We varen rustig en Edith ziet ineens otters (het andere bootje is ze voorbijgevaren). Een nieuwsgierig kopje boven water, duikt weg en een eindje verder zijn er ineens twee kopjes. Bij het begin van het smalle gedeelte zijn veel hangende nesten van de gele vogeltjes.

hoatzins

weerspiegeling
Marineke noemt ze voor het gemak maar even gele wevers, omdat ze die ooit elders heeft gezien. Misschien zijn het banakebi. De kreek is bekend vanwege het "zwarte" water. De walkanten worden hierin prachtig weerspiegeld. Als je er lang naar kijkt word je helemaal tureluurs.
We genieten enorm. Dit is helemaal wat je je bij een tropische kreek voorstelt. Bomen, lianen, mangroven, bloemen, vogels in zicht of in het gehoor. Een oneindige variatie van groenen en groeikracht. Hier en daar een klein strandje of een opgang naar huisjes of een kostgrondje.
Bij zo'n plekje rusten we even.
Hier wordt een tijdelijk kamp gebouwd voor een groep vogelaars die binnenkort komt.
De terugtocht gaat over hetzelfde stuk en is even mooi. Misschien nog wel leuker want nu weten we dat er aparte holle bomen komen, bepaalde bloemen en bochten. Marineke houdt haar camera in de aanslag. De bootsman is geduldig. De ander kennelijk niet want vlak voordat we weer bij Apura zijn, moeten we overstappen in de andere, kleinere, maar veel snellere boot. In volle vaart vliegen we over het water. Nee, dit is niet onze manier. Na het eten en even rusten, mogen we opnieuw met de truck.
Nu gaan we naar Washabo. Een indianendorp, iets verderop. Ook dit dorp ziet er redelijk onderhouden uit. We worden heel hartelijk ontvangen op de school. De jonge onderwijzer Timothy vertelt enthousiast over wat hij de kinderen allemaal leert.

truck met tuinstoelen

vogelboom
Het hoofd van de school komt ook kennismaken en vertelt dat de leerlingen met de beperkte middelen erg hun best doen. Marineke kijkt even in de kast en ziet maar een paar boekjes voor de verschillende vakken. Er zijn wel meer geschiedenisboekjs, maar die liggen helemaal uit elkaar. We lopen verder door het dorpje vergezeld door een paar ondeugende jochies. We maken een praatje met hun trotse opa, wandelen naar het vliegveldje (daar maken alleen hoge omes uit Paramaribo gebruik van als er iets speciaals te doen is).
Manuel vraagt zich af hoe ze het redden want er is geen elektriciteit. De leidingen liggen er wel, maar er is niets aangesloten.
Vlak voordat we teruggaan overleggen we over het geven van wat geld voor de school, als hulp en als dank voor de ontvangst.
Timothy pakt een krijtdoosje, dat gaat fungeren als geldpotje. Tegelijk wordt er een rekenles van gemaakt. Hoeveel schriften kun je hiervoor kopen, hoeveel broeken?
We zijn nu maar met z'n vieren, maar misschien willen de anderen vanavond ook wat geven. Timothy komt met ons mee-eten en de leden van de groep geven ook nog wat. De jonge schoolmeester is helemaal onderste boven.
Hij is zo ontzettend blij en zal zorgen dat alles heel goed besteed wordt.

meisje in Washabo

vertrek
22/2 terug naar Paramaribo.
Tegen vijven op. Marineke vergeet dat ze haar kleren even moet controleren voordat ze ze aantrekt. Ze wordt gestoken. Waarschijnlijk is het de bij die ze gisterenavond probeerde te verjagen. Het is een flinke steek, er komt bloed uit de wond.
Brigitte heeft wel een pleister.
In het donker op de truck en naar de boot. Dat heeft ook wel weer wat. Het is gelukkig droog. Marineke gaat met Gerrit op het dek staan. Ze zien opnieuw hoatzins. Na een tijdje komt ook Manuel voorop het dek om wat met Gerrit te kletsen.
Marineke probeert de punt van de boot uit. De rivier verveelt nooit. Elk stukje is anders en telkens weer de vogels, vlinders, bootjes en dorpjes die de aandacht trekken. Er komt toch een buitje en we moeten weer naar binnen, dat voelt meteen benauwd. Zodra het kan gaat Marineke weer naar buiten. De boot schommelt behoorlijk en ze moet zich goed vasthouden. Ze roept een paar keer of niet iemand anders op het prachtige plekje vooraan wil zitten, maar ze krijgt geen respons. Daarom houdt ze het tot Nickerie vol om als boegbeeld te fungeren.
Het hotel in Nickerie heeft voor roti gezorgd en we gaan linea recta door naar Paramaribo. Manuel heeft dit keer in de bus erg last van "doorzitten". Voor de laatste keer in het hotel en voor de laatste keer naar de "Chinees" schuin tegenover.

op de punt
foto gemaakt door Valentijn

ontbijt
23/2 Paramaribo
Bij het ontbijt wisselen we van gedachten over de fooi voor Brigitte, Gracita en de chauffeurs. Er wordt een soort norm vastgesteld.
Met Brigitte gaan we naar Stinasu voor een stempel. Dit is nodig voor de wandelstok die Manuel op de Brownsberg gekocht heeft. Een van de kantoortjes gaat over het uitvoeren van hout. Manuel moet formulieren invullen en krijgt stempels; ook op de stok. Elke boom die gekapt wordt, krijgt een nummer, ook de schijven. Men streeft ernaar om de controle op de houtkap na te leven. Verder dan streven komt het vaak niet. Dat horen we ook op de andere afdelingen van natuurbeheer en natuureducatie en we hebben het immers ook al ervaren bij de schildpadden.
We vragen om adressen en zien wel of we vanuit huis wat kunnen doen. Het is echt triest om te zien hoe hier de natuureducatie voor een heel land in een klein lokaaltje moet plaats vinden. Er zitten een paar studenten aan schooltafels in wat paperassen te lezen. Er staan wat een paar skeletten op planken, er hangt een schoolbord met aantekeningen, er zijn een paar affiches en folders. Verder eigenlijk niets. Het kleinste dorpsschooltje in Holland heeft duizend keer meer. Daarnaast staan er in dit lokaaltje ook nog een paar bureaus waar ambtenaren aan moeten werken. Ze hopen dat ze binnenkort toch een betere ruimte zullen krijgen. Samen met Brigitte bezoekt Marineke een paar afdelingen van Stinasu. Brigitte kent alles en iedereen en loopt als een echte bestuurder rond. Er is een kamertje waar ze de planning van de excursies, zoals onze tochten met Koning Aap, organiseren. Een medewerkster biedt haar excuses aan voor het gedoe bij de Raleighvallen. Aanvaard. Brigitte moppert dat ze de planning niet goed doen. Ze moeten een beter systeem hanteren. Tja, dat lijkt me ook.

gedeelte bord

instituut voor kunst
Brigitte zet ons af bij het instituut voor creativiteit en kunst, naast Fort Zeelandia. We kijken rond en krijgen uitvoerig uitleg. Ook hier weer: veel inzet, goede wil, maar weinig centen. Voor ons opnieuw: misschien kunnen we van huis uit wat doen. Alles is welkom: boeken, verf, noem maar op. Manuel is echt van plan wat te sturen. We hebben nog een serie boeken over schilderen liggen. Dit was de afdeling voor de betere "amateurs". We gaan op zoek naar de " echte" kunstakademie. Daar is vrijwel niemand; het blijkt een avondopleiding. Er is hier les in grafische vormgeving, grafiek en schilderen. De afdeling keramiek bestaat nauwelijks meer. We zijn van plan vanavond terug te komen.
Daarnaast is er een opleiding PR. We zien allerlei statistieken op borden geschreven. In een supermarkt kopen we nog een fles wijn voor Pim.
Terug in het hotel vertelt het kamermeisje, bijna in tranen, dat ze hier slecht behandeld wordt en een andere baan zoekt. Ze geeft haar telefoonnummer (ze kan zelf nauwelijks schrijven) en drukt ons op het hart, als we ooit weer in Paramaribo zijn, langs te komen wandelen. Marineke had al eerder van de receptioniste gehoord dat de baas de laatste tijd niet prettig is voor het personeel. Tja wat moet je hier nu mee. Vandaag raken wij ondersteboven. We zien zoveel moeizaamheid, geworstel. Mensen die hard werken, het goed menen en proberen en zo weinig middelen hebben. Zo triest.
Om drie uur zijn we bij Pim. Hij leidt ons rond door het grote huis van zijn vader waarin hij nu woont. Het is gedeeltelijk vervallen. Bijvoorbeeld de panelen van opdekdeuren laten op meerdere plaatsen los. Toch straalt de oude glorie er nog vanaf. Het is een comfortabele woning.

kamermeisje

oude makkers
Het is er heerlijk koel, zonder airconditioning. Deze oude wijze van bouwen is prima. Naarmate het gesprek vordert, groeit de wederzijdse herkenning en begrip. Manuel is ontroerd dat na veertig jaar weer iets van de oude vriendschap bovenkomt. Het gesprek gaat over vrienden, kennissen, film, vrouwen, zijn gestorven zoon. Pim is wijs geworden. Marineke is onder de indruk van enkele van zijn uitspraken. Ze heeft wat om "op te kauwen". Bijvoorbeeld over waarneming "niets is zo onbetrouwbaar als het oog" en "het overkomt je alleen maar". Helaas moet het gesprek afgebroken worden omdat Pim les gaat geven op de door hem opgerichte filmopleiding.
We zijn moe van alle emoties en gaan even liggen.
Het bezoek aan de kunstakademie schiet erbij in.
Iedereen blijkt "galakleding" bij zich te hebben voor het laatste etentje. Wij houden het eenvoudiger al heeft Manuel wel een gloednieuw overhemd aan.
Bij de Chinees, dezelfde waar we al eerder met Edward aten, is een rij kamerschermen neergezet. Aan de andere kant viert een Chinese familie feest. De kinderen zijn nogal uitbundig. Uiteraard komen Brigitte en Gracita als koninginnen gekleed, een tijd later. Het eten is lekker en overvloedig.
Brigitte en Gracita kunnen een flink deel in doggybags mee naar huis nemen. We hebben het erover dat dit zo'n goede gewoonte is en ook veel meer in Nederland gedaan zou moeten worden. Edith vertelt dat ze het wel vaker vraagt.

speech

(foto's van Anneke) Gracita
Manuel houdt een praatje bij het ingezamelde geld. Hij heeft het over twee speciale vogels. de Graciata cuisinalis ofwel kokkie en de Brigitta ordinaris ofwel peppie. Vic overhandigt de enveloppen.

bootje met brug
24/2 naar huis.
We pinnen een klein beetje geld om wat dingetjes te kopen zoals kleine flesjes Surinaamse rum en pakjes pindasambal.
De galerie die we nog willen bezoeken blijkt nog niet open. Daarom lopen we nog maar even verder langs de Sommeldijckse kreek. Uiteindelijk komen we weer bij de Waterkant terecht.
Daar drinken we nog wat en mijmeren op een stoel die we bij het water plaatsen.
Eigenlijk willen we nog niet weg.
Op de terugweg is de galerie open. Er is goed werk van Surinaamse en buitenlandse kunstenaars.
De stokoude moeder en de kinderen van de aardige galeriehoudster wonen in Nederland, maar zij heeft ervoor gekozen weer hier te zijn. In het hotel komen Edward en Cindy nog even op bezoek. Ze geven ons kleine presentjes. Twee Surinaamse stoeltje op schaal. Het bewerkte hout klapt ingenieus in elkaar. Wij hebben al iets ingepakt voor Amari. Al met al hebben we toch in een korte tijd een waardevol contact opgebouwd.

afscheid

Costerstraat
Edward vertelt dat het voor hen een extra bijzondere dag is omdat ze vanochtend bij de notaris de koopakte en de hypotheekakte voor hun nieuw te bouwen huis getekend hebben. Een hartelijk afscheid en even later komt de bus voor onze laatste rit in Suriname naar Zanderij.
Wanneer we op het vliegveld aankomen, horen we dat het vliegtuig 1½ uur vertraging heeft. Brigitte vindt dat ze ons wel even hadden kunnen waarschuwen, dan hadden we later weg gekund. Het inchecken verloopt vlot. Manuel kan zijn stok gewoon als handbagage meenemen.We krijgen een consumptiebon van de vliegtuigmaatschappij. Daarmee gaan we naar de kiosk buiten.
Het is druk, alle stoeltjes zijn bezet. Dan wordt Marineke hartelijk begroet door een echtpaar dat ze op de heenvlucht ontmoette. De (Hindoestaanse) vrouw heeft familie in Surinane een kreeg een stukje grond. Haar man is deze drie weken bezig geweest met het verkrijgen van vergunningen voor de bouw van een huisje. Dat viel niet mee; gewone afspraken maken zoals in Nederland is niet mogelijk. Ook het verkrijgen van bouwmaterialen vereist heel veel tijd. De familie zal het voorbereidend werk moeten voortzettend.
De anderen dollen nog wat met Brigitte en Gracita die zijn meegekomen voor het afscheid. Dan wordt het tijd om echt gedag te zeggen. Nog even kletsen een laatste "brasa" en dan door de douane. Er staat al snel een lange rij.

Valentijn

souvenirs
We moeten opnieuw formulieren invullen. Manuel mag als 60-plusser naar een aparte balie. Hij hoeft niet te wachten. Daarna worden mannen en vrouwen gescheiden voor een volledige nakijkbeurt. Dat komt heel imposant over, maar stelt in feite niets voor. We worden niet gefouilleerd. Marineke nam wat vruchten van de Browsberg mee, dat mag officieel helemaal niet, maar er wordt niet naar gekeken. De stempeltjes op Manuels stok en het formuliertje zijn bij hem voldoende om meteen verder te mogen. Vervolgens wordt van alle paspoorten een kopie gemaakt. Dan is het wachten in een grote vertrekhal. Er zijn wat tax free shops in de hal. Die interesseren ons niet zo. Bovenin is echter een "Chinees" die allemaal groenten, verse en verpakte vruchten en Surinaamse koekjes, chips etc. verkoopt.
Op deze winkel staat een run. De mensen komen er met tassen vol boodschappen uit. De mensen die regelmatig naar Nederland gaan weten dat je hier allerlei specialiteiten kunt kopen voor familie daar. Een aantal mensen uit onze Koning Aapgroep vormt al een tijdje een vaste klaverjasclub. Hiermee doden ze de tijd van het wachten.
Eindelijk mogen we naar de gate. Nu wordt onze handbagage doorgelicht op de gewone wijze en moeten wij door het metaaldetectorpoortje. In het vliegtuig komen we naast een jongenman te zitten. Vrijwel meteen installeert hij zich om te slapen. Hij neemt maar een hap van zijn eten en drinkt ook bijna niets.

klaverjasclub

gekochte souvenirs
We denken dat hij een bolletjesslikker is. 's Nachts moet Marineke over hem heen klimmen. Hij slaapt of doet alsof. Tegen de ochtend raakt Marineke toch met hem aan de praat. Hij vertelt dat hij Portugees is en dat hij met zijn vrienden naar Suriname ging omdat ze daar kennissen hebben. Vroeger heeft hij in Nederland gewerkt als bollenpeller, ook zijn vriendin werkte in Rotterdam, ze snoeide rozen. Zowel Manuel als Marineke ervaren de terugreis als zwaarder. Op Schiphol krijgen we controle na controle. Alles bij elkaar zijn we daar twee uur mee zoet. De bagage laat ook een tijd op zich wachten. Buiten is het koud en we constateren dat Nederland er stomvervelend uitziet, allemaal netjes, erg saai. Tegen vijf uur zijn weer thuis.

Het was een geweldige reis.
De volgende weken blijven we nog intens betrokken bij Suriname.
Op avond van onze thuiskomst, belt Timothy. Hij is nog steeds ontzettend blij en vertelt dat hij al schriftjes en linialen heeft gekocht. Een week later belt hij 's zondags plotseling vanuit Paramaribo. Hij moet naar de afdeling bevolking, want hij staat niet goed geregistreerd waardoor hij zijn salaris niet ontvangt. Hij heeft de hele week nodig om allerlei instanties af te lopen en voelt zich van het kastje naar de muur gestuurd. Marineke msn-t twee keer met hem via het e-mailadres van een vriend van hem.
We voelen ons betrokken bij de mensen in Suriname; willen wat doen. Aan de andere kant weten we niet goed hoe. We zijn wat wantrouwend geworden. Als je geld stuurt, komt het dan goed terecht? Soms lijkt het alsof de mensen in Suriname allemaal alleen voor zichzelf en hun eigen familie en vrienden bezig zijn, niet willen delen. Gelukkig hebben we een paar betrouwbare adressen. En wat zeggen drie weken? We moeten gewoon nog eens terug naar dit prachtige land met zoveel ontzettend aardige mensen.


beeld in St. Laurent

mail voor reacties naar: info@marineke.nl naar de website van Marineke: www.marineke.nl naar de website van Manuel: www.manuelclaasen.nl
naar de website met andere reisverslagen van Marineke:
www.tegenbeeld.nl