Manuel en Marineke in Northern BC
DEEL 3 van een prachtige reis in Canada

Van 21 mei tot en met 16 juni 2008 hebben we rondgetrokken in Britisch Columbia.
Het verslag is erg lang en om het leesbaar te houden heb ik vier hoofstukken gemaakt.
U kunt ze zo aanklikken
. Verder op deze pagina het stuk door Northern Columbia
Wanneer u foto's op de orginele grootte wilt zien, neem dan contact op met info@marineke.nl


Vancouver en Okanagen

De Rockies

Vancouver Island
Algemeen overzicht en praktisch tips

speelse eekhoorn
Jasper-McBride, Maandag 2 juni
Op tijd op om Jasper te verlaten en richting Prince George te gaan.
We hebben besloten: we gaan de Inside Passage doen.
Eerst naar het toeristenbureau waar een aardige en zeer praktische jongeman ons wat tijd geeft.
Hij raadt ons aan ons de Maligne canyon te bezoeken voor we richting P.G gaan.
Hij geeft nog wat tips voor onderweg naar Prince George.
Ook wijst hij ons de telefoon waarmee we een overtocht voor de Inside passage kunnen boeken.
Dat lukt ons, met wat geschutter omdat Marineke zich zo af en toe vergist in het Engelse alfabet.
Het kost wel een boel geld, maar we bedenken dat we daarmee wel autokosten besparen en ook tijd.
Bovendien zullen we Vancouver eiland zien.
Dat hadden we niet verwacht voordat we deze reis begonnen.
Op weg naar de Maligne Canyon stoppen we even voor wat foto's bij een uitzichtpunt.
We worden opgewacht door een nest zeer speelse eekhoorns.
Ze halen de dolste fratsen uit, rennen over de boom, snellen in een hol en er weer uit. We vermaken ons bijzonder.

eekhoorn

Maligne Falls
Maligne Canyon is inderdaad een aanrader.
Prachtige watervallen door smalle 50 meter diepe rotsen. Weer heel indrukwekkend.
Onze taal is ontoereikend voor al dat moois.

We komen opnieuw hetzelfde stel Amerikanen tegen, die nu maar grappen dat ze van de CIA zijn.

kennismaken
Na het tanken, rijden we een stukje 16 om straks af te slaan naar de Yellowhead Highway.
Het is weer een mooie en rustige route.
Bij de Yellowhead Pass volgen we een kleine trail.
Onderweg fotograferen we nog een kariboe, grazend langs de autoweg.

geoormerkte kariboe

Mount Robson
Bij het uitzichtpunt bij Mount Robson, een heel mooie stompe, met sneeuw bedekte berg, picknicken we. Natuurlijk bezoeken we ook even het Visitors Centre.
Daar zien we dat ze een aparte informatiebalie hebben voor de Inside Passage. Boeken was hier wel zo gemakkelijk geweest.
Manuel koopt een T-shirt met ongeveer alle wilde dieren van Canada er op.
Op een muur hebben ze mooses op ware groote afgebeeld: 1, 2 en 4 jaar oud en volwassen. Wat een enorme beesten zijn het eigenlijk.

Tussen Mount Robson en McBride is het landschap af en toe vlak en agrarisch en dan weer bergachtig en bebost.
We worden steeds via borden gewaarschuwd voor moose, maar zien er niet een.....
Waarschijnlijk te laat op de dag?
In de vroege middag komen we aan we in McBride.
Zo´n typisch recht-toe-recht-aan-stadje.
Vroeger was het een bekende spoorwegstop.
Dat is nu vergane glorie.
Het is er rustig en wij vinden dat prima.


mooi landschap

station, toeristenbureau en restaurantje
Bij het toeristenbureau (gevestigd in het station) geven ze ons adressen van onderkomens.
(We hadden trouwens al eens gekeken in ons BC boek, waar dezelfde accomodaties in staan).
We kiezen het eerste het beste: een oud, niet duur hotel midden in McBride.
Het heeft beslist iets nostalgisch.
In de saloon schettert nu de TV.

koelkast
Op de kamer, met bloemetjesgordijnen en bloemtjesplinten, staat een voorhistorisch model koelkast, in de badkamer een wc met deksel in de vorm van een schelp en een jaren-dertig-wastafel.
Maar wel een moderne magnetron!
Het bevalt ons hier wel.

nostalgisch

vlinder
We gaan de omgeving verkennen. We zien een prachtige vlinder en mooie rode bloemen.
Eerst naar een vogelreservaat, met grote gele plompen waarvan de meeste nog moeten uitkomen.
Over een week of wat zal het hier een bloemenzee zijn.

red columbine

reuze plompen

vogelreservaat + observatiepost
Er zijn krak-(?)eenden en leuke zangvogels die we rustig kunnen bekijken vanuit de observatiepost.

Een heel leuk projekt is dat van beschilderde waterpunten.
Hierop hebben de plaatselijke kunstenaars zich kunnen uitleven.

rietzanger

Picasso

visser

schilder

politieagent
Fire Hydrant Tour


Dominion Creek Trail

Een schooljongen, slobberig gekleed, maar in zijn spraak uiterst netjes, loopt met ons op en wijst ons de bibliotheek.
Terwijl Marineke mailt, snuffelt Manuel rond.
Er is zelfs een Engels-Nederlands woordenboek.
Ook dit kleine plaatsje heeft een goeie bib.
Er is een prachtige landenserie.
Het deel "The Netherlands" geeft ons zelfs nog wat te leren.

Na het mailen gaan we nog een wandeling te maken.
We lopen de Dominian Creek Trail. Een lieflijk pad naast lieflijke beek.
De korte route begint in het dorp, dat is prettig.
Het pad is bijna geheel voorzien van houtsnippers, de beek is vrij rustig, soms wat dichter begroeid.
Dit is een beschermd gebied.
We wisten niet dat de vis ook door deze kleine beken trekt.
en ... in ieder geval de muggen ook.
We hebben er voor het eerst een beetje last van.


zalmtrek

Main Street Grill

Als we terug zijn, doen we nog wat boodschappen.
Manuel koopt in een handwerk/handenarbeidwinkeltje een nieuw (!) schrift voor het verslag.
's Avonds eten we in de Main Street Grill.
Gezellig, gewoon en uitstekende kwaliteit.
Een prima steak en prima heilbot plus drank.
Niet te geloven voor nog geen twintig euro.


jonge moose
McBride-Vanderhoof, dinsdag 3 juni.
Zo te zien heeft het vannacht geregend, maar nu is het weer opgeklaard.
In alle vroegte verlaten we Mc Bride (het hotelpersoneel is nog niet op, maar de auto van het andere stel gasten is ook al weg).
We pakken de Highway 16 weer op. richting Prince George.
De weg is heel rustig zodat sommige beesten zich weer laten zien:

hert
Mooses in de bosrand, een paar beren waarvan er een op z'n gemak de weg over steekt, en herten.

de telefoon doet het wel
Onderweg betrekt de lucht en er valt wat regen. Niet veel.
Het landschap is weer afwisselend, soms bosrijk, soms bergachtig, soms open met veel Canadese populieren.
We willen even een kleine tussenstop maken en komen terecht bij een oud en vervallen (of is het alleen voor de winter gesloten?) gebouwtje. Er is zelfs een rolstoelopgang; de telefoon werkt wel.
(In Nederland zou hij allang kapot zijn!!)
Prince George is een grote plaats, echt een centrum van dit district.
Het fraai vormgegeven Tourist Information Centre is gemakkelijk te vinden want het ligt aan de doorgaande weg.
Een jongeman verwijst ons naar een grote drugstore waar we zowel een memory-card voor de camera als anti-muggenspul kunnen vinden.
De drugstore bevindt zich in een groot shopping complex.
We tanken (met kortingskaart).
In een pick-up worden vaak honden meegenomen.

honden mee

koffiebar in supermarkt
De drugstore is inderdaad gigantisch.
De verkoopster op de fotoafdeling heeft werkelijk verstand over wat ze verkoopt. We maken een praatje, wisselen ervaringen over vakanties (ook in Holland) uit en Marineke krijgt nog een extra advies over formatteren op de camera.
Lipbalsem en anti-mugmiddelen worden ons behulpzaam aangewezen. Je kunt hier bijna verdwalen.
We drinken nog even koffie in de koffie- en broodjesbar en lopen ook nog even door de nabijgelegen Foodsupermarkt, ook weer enorm.

snoepgoed
Bijvoorbeeld veel bakken met snoep in alle kleuren van de regenboog.
Verder is er ook een hele grote sortering koffie, granen (ontbijt), sauzen; ook weer allemaal in zelf-uit-schep-bakken.
We kijken onze ogen uit.

snoepgoed
We gaan naar Vanderhoof, zo'n 100 kilometer verder. We lunchen onderweg in een Indianengebied.
Er staat een bord met veel informatie over de inheemse bevolking van deze streek.
In de accommodatiegids zoeken we naar adressen van (goedkope) motels. We proberen het eerste dat ons lijkt. Een vriendelijke dame bij de receptie wijst ons de kamer; het blijkt zelfs een klein appartementje: twee aparte kamers, keukentje en badkamer.
Heel comfortabel en relatief weer zeer goedkoop.

appartementje

openlucht museum
We frissen ons op, rusten even en dan gaan we het Vanderhoof Heritage (openlucht) museum bekijken.
Weer heel leuk met originele oude gebouwen, gebruiksvoorwerpen en gereedschap van vroeger, zoals een tang om paardenkiezen te trekken en een boekje in Indianenschrift", ontworpen om de "wilden" de bijbel en de beschaving bij te brengen.
Er staat ook een gevangenis, die ziet er van binnen best dreigend uit.
In een een oud caf (OK CAFE) )annex hotel eten en drinken we wat, niet bijzonder maar goed genoeg.
We rijden naar het vogelobservatiepunt.
Het is nu de goede tijd (later op de dag) denken we.
Honden en kinderen spelen in het water.
Het observatiehuis ligt aan de mooie brede Nechako River aan de rand van het Riverside Park met campground. Gezinnen komen hier op deze mooie avond barbecue-en.
We zien dus niet veel bijzondere vogels, maar wel het grote nest van een osprey in een grote populier, ver weg aan de overkant.
Een vogel zit op het nest en een cirkelt rond om vis te vangen.

vogels kijken

adelaar met nest
Jammer genoeg zien we 'm niet duiken, maar dit is ook al mooi.
We lopen nog een stukje "nature trail", het valt wat tegen (joggers en niet echt aantrekkelijk) en om echt een lang stuk te wandelen zijn we te moe. Een andere keer dan maar.

observatiehuis

White Swan Lake
Vanderhoof-Smithers, woensdag 4 juni.
Vandaag zijn we twee weken van huis; het lijken wel twee maanden zoveel indrukken hebben we inmiddels opgedaan.
Elke dag is eigenlijk een hoogtepunt.
We zijn weer om zes uur op en om zeven uur op weg.
Het weer is goed.
Van Vanderhoof rijden we weer verder over de Yellowhead highway; eerst naar Fraser Lake.
Dit is een aangenaam plaatsje aan het White Swan Lake.

zaden winnen
Er zouden trompetzwanen te zien zijn. Het meer is mooi, het park aangenaam, maar we zien alleen een fuut en eenden.
Er zijn weer uitgebreide informatie-borden.
Ditmaal over de bevordering van houtgroei en het winnen van zaden uit naaldbomen met behulp van kooien die onderaan helikopers hangen.

houtgroei
We rijden verder naar Burns Lake (hoeveel meren heeft Canada eigenlijk?).
Hier wordt het Toeristenbureau bemand door twee dames die exact gelijk en unisono "wow" uitroepen als we zeggen dat we uit Nederland komen.
Mogelijk zeggen deze wow-ladies dat bij iedereen die uit Verweggistan bij hen binnenvalt.
Maar goed ze zijn ook hier weer ontzettend aardig en behulpzaam.

Ze wijzen ons op een korte trail waarvan het aanlooppaadje (Eveneshen Nature Trail, vernoemd naar de initiatiefnemer) net naast het kantoortje begint.

opgezette uil

opgezette poema
Het kantoortje wordt overigens mooi gesierd met opgezette dieren waaronder een poema (die ze George noemen).
En als we die mooi vinden, moeten we beslist in het verderop liggende Houston gaan kijken. Daar staat een grote opgezette grizzly.

eekhoorn
We lopen eerst de trail, het aanlooppaadje blijkt zwaarder dan gedacht: pittig omhoog en omlaag, af en toe smal en een steenslag hellinkje.
We vermaken ons weer met een eekhoorn die met een eikel goochelt.
Het gedeelte langs het moerassige meer (Rod Reid Trail, ook weer vernoemd) is erg mooi.

moerasachtig


Red Columbine

Een oudere man die met z'n hond wandelt, ruimt vrijwillig wat rommel op die jongelui na een feestje gisterenavond hebben achtergelaten. Hij schudt er terecht zijn hoofd bij.
Wij bewonderen al deze vrijwilligers die dit toch allemaal maar doen.
In het park staan weer de nodige educatieve borden, ditmaal kan ik kijken hoe de bloemetjes heten die ik probeer te fotograferen. Ook is er een bord over de (calliope) kolibri die hier huist.

grizzly
In Houston bezoeken we inderdaad het toeristenbureau met de enorme opgezette grizzly.
We picknicken en bekijken ondertussen een gigantische werphengel. Vissen is hier wel een uiterst belangrijke bezigheid.
In veel toeristenbureaus staat een computer om te internetten. Marineke checkt haar mail.

hengel
We rijden door tot Smithers, het min of meer geplande einddoel voor vandaag.
Marineke vond weer een adres in de gids. We gaan kijken. Een fraai en schoon guesthouse.
Een jaar of vijf geleden opgezet door Hans en Tina, jonge Oostenrijkers.
Het is vooral gericht op families die hier 's winters komen skin. We kunnen zelfs kiezen. Het ziet er zeer verzorgd uit en de prijs is redelijk. We hebben een kamer met twee stapelbedden en nog een bedbank. Daar aanvast een halletje met wastafels en nog een aparte WC en douche.

5 persoons

specht
Apart is dat we de schoenen moeten uittrekken als we naar binnen gaan (denk aan natte skischoenen). De gemeenschappelijke kamer is groot, een zeer goed voorziene keuken (echt gericht op het zelf koken). We richten ons in en lopen zo vanuit het guesthouse naar het Riverside Park bij de Bulkley River. We zien een spechtenpaar dat een nest heeft in een keurig rond gat in een hoge populier. Oei, de ene is een echte Woody woodpecker; probeert ons vol bombarie af te leiden, terwijl de andere de jonkies voert.

specht

alpenhoorn
Wat een muggen, we hebben ons vergeten in te smeren. Overigens moeten we toch halverwege terug omdat het pad blank staat.
We lopen een beetje rond in Smithers.
In onze ogen een plaatsje als de andere. We snappen de ophef van de bewoners niet zo.
Het is wel grappig dat veel huizen cederhouten dakpannen hebben en met een meer traditionele voorgevel gebouwd zijn (schijnt verplicht).
Verder doet het Oostenrijks aan (alpenhoorn en een Tiroler kroeg).
Een van de door Hans aangeprezen eettentjes is een kleine pizzeria. Maar die bevalt ons achteraf absoluut niet: te luide muziek, norsig bedienend meisje (voor het eerst) en het eten is niet geweldig.

In het guesthouse staat een vrij toegankelijke computer. Marineke gaat internetten en legt contact met een Belgisch gezin dat hier rondtrekt.
Zij hebben meer gezien (hun laatste van 5 weken), dus hun waardevolle tips zijn welkom.

vanaf balkon

nieuwsgierig
Smithers-Terrace, donderdag 5 juni
Manuel staat wel om zes uur op, maar alles verloopt wat trager dan de bedoeling was: praatje, gastenboek invullen, routeadvies van Hans en Tina. Zo gaat dat soms.
Er is een binnenweg in de richting van de Hazeltons, dat lijkt ons wel wat.
Helaas komen we weer wegwerkzaamheden tegen.
Ditmaal heel heftig, we moeten wel heel lang wachten.
Een nieuwsgierige oranjeborst slaat ons steeds gade.
Eindelijk komen we dus op de geadviseerde Telkwa Road.
Vrijwel het hele stuk is gravel, maar goed te berijden. Inderdaad erg rustig. We komen de hele rit maar 4 5 auto's tegen.
We zien een bordje Driftwood Canyon.
Daar gaan we eerst eens kijken.
Hier worden veel fossielen gevonden.

Dritftwood Canyon

over fossielen van planten, insecten, vissen en vogels

eenpersoonsbrug
We lopen een korte trail tot een soort steenberg.
Wel toelichtende borden, maar fossielen vinden wij niet.
Het leukste vinden we eigenlijk de eenpersoons brug.

waarschuwing

bailey-achtige brug
Halverwege de route is een mooie oude bailey-achtige brug. Terwijl we boven de wilde rivier staan, zwenkt een Amerikaanse Bald Eagle over ons hoofd. Schitterend.
Langs Moricetown rijden we naar de Hazeltons (Old, New en South).
We zijn er toch vroeg.
Het toeristenbureau in New Hazelton is nog niet open.
Er stopt een "burger" -auto.
De eigenaar vertelt dat zijn klandizie niet van de toeristen komt, maar van de mensen die hier werken. (we zien een shovel waarvan de wielen heel verschillende kanten uit kunnen draaien) We smullen van de burger die hij netjes voor ons in tween gesneden heeft. De burgerbakker komt uit Moricetown, was boer, heeft nog wel veel land, maar dit beroep bevalt hem beter.
Bij het inmiddels open TO, krijgen we een folder.
Achteraf vindt Marineke dat ze ook iets hadden kunnen vertellen over Kispiox en 'Ksan. Het laatste misten we.

"burger"auto

shovel
shovel waarvan de wielas scheef kan
scheve as

oude winkels
Old Hazelton
grappig huis

radarboot op het droge
Old Hazelton is een plaatsje met bijna uitsluitend oude huizen.
Een oude raderboot ligt op het droge en is nu een pizzeria. Het cafe dat Hans en Tina ons noemde, als zijnde overgenomen door Hollanders (en we moeten de groeten doen) is toeristisch. Het is inmiddels lunchtijd. De eigenaars zijn er niet en de bedienende meisjes kunnen de boel absoluut niet aan. Ze vergeten onze bestelling. Nee dit is geen reklame.

houtverbinding
We lopen terug naar de auto en vinden een raar schuurtje eigenlijk veel leuker dan al dit opgeklopte gedoe. De wanden zijn in prachtig verstek in elkaar gezet, maar toen ze bij het dak waren, hadden ze vast een lollige bui.
schuurtje

Hagwilget Brigde
Buiten Old Hazelton ligt de Hagwilget Brigde. Een lange hangbrug over de Skeena River. Mooi om te zien, boeiend om overheen te lopen en leuk om overheen te rijden (vanwege het geluid). Ongeveer 12 kilometer verder ligt het totempalenveld van Kispiox.

Kispiox
Er zijn hier trouwens veel Indianendorpen en op veel plekken staan totempalen, maar het veld bij Kispiox is beroemd.
De Totempalen steken prachtig af tegen de hemel.

Kispiox
We mijmeren erover hoe moeilijk het is om je echt in de cultuur in te leven. Wij zien de palen als artistiek hoogwaardig, maar kunnen het gevoel dat ze voor de First Nations (gehad) hebben niet goed oproepen. De omgang van de Indianen met dier, plant, rivier en aarde als wezens waarmee een echte verhouding en communicatie bestaat, vervult ons met respect.

uitzicht op de rivier
Een volgend totemveld kunnen we niet vinden, of we zijn er voorbij gereden. Onderweg zien we nog een beer.
Terrace zou een plaats zijn met totaal niks (vergeleken met Smithers), maar wij zijn een andere mening toegedaan.
Het motel, dat we weer uit het boek hebben, is prima. Grote kamer, uitzicht op de rivier, alle comfort, veel koffie, thee en koeken, er is een haard en buiten zelfs een barbecue.
Heel rustig (behalve de TV van de onderbuurman).
We gaan wat boodschappen doen en rondkijken.
Marineke is helemaal gek van de mooie constructie van een aantal spoorbruggen achter elkaar.
In een "alles voor 1 dollar" winkel waar we voor de grap inlopen, vindt Manuel de kleine gardes waarnaar hij in Nederland al tijden zoekt.
We slaan een "large" pizza en een doos met salade in.
Op de kamer warmen we 'm op in de dubbelgrote magnetron. Large is de pizza zeker, we zitten mudje vol.

spoorbrug

Skeena River
Terrace-Prince Rupert, zaterdag 6 juni (D-day)
We staan weer vroeg op en zijn heel wat vlotter op weg dan gisteren.
We beginnen de dag met een flinke en zeer aangename wandeling op Ferry Island.
Een groot eiland in in de brede rivier, die midden door de stad loopt.
Er is een groot kampeerterrein en een prettige trail.
Soms gewoontjes en soms lopen we door een soort oerbos met heel hoge, oude bomen.

boom in boom
Sommige zijn ooit gekapt en op hun resten groeien weer nieuwe of soms zelfs andere bomen.
In sommige bomen zijn door een houtsnijkunstenaar gezichtjes uitgesneden. Het blijkt het een projekt van een kunstenaar uit Prince Rupert te zijn.
We komen ook nog een groepje kleuters met ouders tegen: een mooi plekje voor een schooluitje.

schooluitje
gezichtjes in de bomen

vlaggetjesdag
De weg naar Prince Rupert is opnieuw en afwisselend.
Berggezichten en de brede stoere Skeena River bieden fraaie panorama's.
Er zijn bergstromen en watervallen.
Onderweg zien we weer een hele lange trein en voor het eerst een passagierstrein. Die is kort. De treintarieven zijn in Canada vreselijk hoog.

vlaggetjesdag

vlaggetjesdag
Vlaggetjesdag: daarmee duiden we wegwerkzaamheden aan. Soms vermaak ik me met foto's maken.
In dit geval is het leuk omdat we rondom in de bergen (en wolken) zitten.

In Prince Rupert hebben we twee adressen.
Een via Hans en Tina en de ander via de Lonely Planet.
Bij het eerste kunnen we meteen kiezen.
We nemen de kamer met de twee bedden en zien morgen wel weer verder.

Eerst maar installeren en de plaats bekijken.
We rijden naar de waterkant en stoppen en passant bij het tweede adres.
Een heel vriendelijk meisje boekt ons voor de tweede nacht in deze plaats (nou ja halve nacht, we moeten al heel vroeg bij de boot zijn).
De TO ligt aan de Cow Bay een straat waar alles in het teken van de koe staat.

Je kunt het zo gek niet bedenken of het heeft wel een koe-motief of een koe-woordspeling.


cow bay

adelaar
We eten een bordje lekkere soep in Smiley's Caf.
De TO heeft een trail (geen naam) langs en door de stad aangeraden, maar het startpunt blijkt weer eens niet te kloppen en halverwege is het kaartje zo onduidelijk dat we verkeerd lopen.
Maar gelukkig zien we onderweg prachtige visarenden (Amerikaanse en grauwe), een ervan kunnen we een lange tijd op ons gemak observeren.

adelaa
r
We zijn de weg kwijt en een heel aardige mevrouw loopt met ons mee terug naar Cow Bay. Ze moest toch down town zijn en op de bus moet je soms lang wachten.
We gaan maar even langs BCFerries om te kijken of onze telefonische boeking goed is doorgekomen.
Een heel aardige mevrouw heeft wel zin in een praatje en haalt nog wat fouten uit de papieren.
Ze vertelt ons waar we goed kunnen eten.
Aha dat was een heel goede tip.
In The Breakers Pub zitten we heel relaxed en het eten is prima.

marmot
De pub ligt aan het water en Marineke ziet opeens in de haven een groot beest zwemmen, vlak bij duikt hij onder. Vast een zeeleeuw?
Na het eten wandelen we een stuk langs het water, kopen wat in het grote gebouw waar allerlei Indianen hun kunstnijverheidswinkeltjes hebben (North Coast Artists' Cooperative Centre en Performing Arts centre).
Er staat een bordje waarop kunstenaars gevraagd worden.
Marineke lijkt het wel wat
We lopen over de voetgangersbrug weer naar het centrum.
Dan zien we onder ons een grote marmot van de paardebloemen snoepen.
Ook in deze plaats is kunstenaars gevraagd mee te doen aan een projekt, in dit geval vaandels die de straten opfleuren.
vaandels in de straten

vlechtwerk
Prince Rupert, zaterdag 7 juni
Decadent laat, om half acht opgestaan.
Het heeft vannacht flink geregend en dat doet het nu nog.
We pakken alles in en leggen het in de achterbak van de auto.
Daarna gaan we naar het Museum of Northern British Columbia, prima met dit weer.
Het museum is niet heel groot, maar heeft wel een mooie collectie die goed gedocumenteerd tentoongesteld wordt.
De geschiedenis van de vroegste bewoners van dit gebied en de latere blanke inwoners is werkelijk subliem weergegeven. Prachtige vitrines met waardevolle, verbazend knap gemaakte huishoudelijke en rituele voorwerpen en zoals steeds, zeer educatief.
Voor het eerst zien we ook oorlogstuig zoals verschillende Indianenstammen het tegen elkaar gebruikten. Nog niet eerder zagen wij hun "wisselingen van macht" zo interessant en uitgebreid beschreven.
Ach, misschien waarderen we het extra omdat we zo lekker de tijd hebben.

oude kunst

nieuwe kunst met oude motieven
Er is ook nog een gedeelte met nieuwe kunst die nu door de Indianen gemaakt wordt. Ze gebruiken daarbij oude motieven.
oude kunst

boeken
In de museumwinkel schaffen we een paar boeken aan: een over totempalen, de tweede over de verschillende indianenstammen hier en de derde over de symbolen die ze gebruiken.
Graag had ik ook (twee) leerboeken aangeschaft over het maken van de figuren (dus beer, wolf, adelaar, kikker enz.), zoals die bij de verschillende stammen getekend en ingekleurd worden.
Die boeken zijn 35 dollar per stuk (nou ja nog niet echt duur voor zoiets geweldigs) maar dat ging toch iets boven de begroting.
Het weer is ondertussen iets opgeknapt en we rijden naar Port Edward.
Daar in de buurt liggen de restanten van een vissersdorp met de eerste fabriek voor zalm-in-blik. (North Passific Historic Fishing Village).
Er zijn nog heel wat loodsen en een aantal van de kleine witte arbeidershuisjes op palen (in verband met het wisselend tij) staan ook nog overeind.
Indertijd moeten hier, zoals op foto's en prenten te zien is, hele rijen gestaan hebben.

vroeger

loodsen
De loodsen zijn als museum ingericht. Het hele proces van de visserij en het inblikken is daar te volgen via foto's en informatieborden bij de oude machines. We krijgen zo een beeld van de zware arbeid en het (ongetwijfeld schaarse) sociale leven. Ik wist niet dat er vanaf het begin van de 20e eeuw al zoveel Japanners en Chinezen werkzaam waren.
Ze deden het vuile werk, samen met de Indianen.
De blanken waren de opzichters.
De fabriek is in de zeventiger jaren van de vorige eeuw gesloten.
Het dorp is nu vervallen, maar ziet er heel erg schilderachtig uit.
Nu wordt het weer gewaardeerd en opgeknapt.
Het grijze weer past uitstekend bij de sfeer die hier heerst.
Het dorp lag aan het eind van de spoorlijn.
Ook daaraan wordt aandacht besteed.
Onder andere met een zaal met modeltreintjes.

schilderachtig

voor een loon
Voor een "loon" = 1 canadese dollar
(met de afbeelding van een loon; dat is
een soort eend)
gaan de treintjes wel vijf minuten rijden.
Marineke maakt verscheidene filmpjes.

Manuel werpt in

modeltreintjes

oude winkel
Een oude winkel is opgeknapt, een kantine is 's zomers open en de woninkjes van de bazen zijn ingericht als kleine museumpjes
gerestaureerd

bemost
Op de terugweg lopen we de Butze Rapids Trail. (Rapids vanwege de heftige, soms gevaarlijke eb en vloedstromen).
Een prachtig oud bos, ruig en soms sprookjes- dan weer spookachtig. Wonderlijk gevormde restanten van soms gigantische bomen (meest ceders) van wel
1 meter doorsnee, vaak met mossen begroeid. Dit geeft een speciaal effect.
"In de ban van de ring" had ook hier opgenomen kunnen worden.

informatiebordjes
We zien veel grote stinkaronskelken (skunk cabbage) en andere mooie planten.
Ook hier zijn weer allerlei bordjes aangebracht met informatie over de bomen en planten.
De skunk cabbage bloeit vroeg in het jaar, als het nog koud is. De bloem kan 15 graden warmer worden dan de omgeving. Dat trekt insecten.
Je kunt je handen er aan warmen.

skunk cabbage

teer wit

wonderlijk roze

groen met wit
Er zijn een paar fraaie uitzichtpunten: op watervallen, moerasgebieden waar reigers mooi staan te zijn en de Skeena River waarop je lekker kunt kajakken.

We brengen onze spullen naar het Pioneer Hostel en eten wat bij een Vietnamees familierestaurantje waar ze overigens ook burgers en ander niet oosters voedsel verschaffen.

Skeena River

pooper scooper
We doen nog wat inkopen voor de lange bootreis morgen en gaan naar de kamer want we moeten al om half vijf op!
In een winkel zien we nog een pooper scooper liggen: wat een grappig woord.
In Canada is het verplicht de hondenpoep op te ruimen. We zijn dan ook maar een keer hondenpoep tegengekomen, aan het eind van een niet officieel pad.
Terwijl Manuel vast boterhammen smeert, gaat Marineke e-mailen.
Duimen dat het morgen niet al te veel regent.
verder naar Vancouver Island